maandag 1 november 2010

I.M. Mulisch

Het nieuws dat Harry Mulisch gisteren is overleden heeft geloof ik wel elke Nederlander bereikt. Een man, waar de arrogantie volgens velen vanaf droop. Maar ook zelfspot maakte deel uit van zijn persoonlijkheid.

Natuurlijk werd Harry Mulisch al op de middelbare school behandeld. Later ook tijdens mijn studie en nog iets - maar niet veel - later heb ik zelf een les over de inmiddels gestorven Grote Drie na-oorlogse schrijvers Mulisch, Reve en Hermans gegeven.

Als letterkundige voel ik me genoodzaakt om iets over deze schrijver te vertellen. Niets hoogdravends, maar gewoon een herinnering.
Mijn eerste kennismaking met Mulisch was de volgende zin: Ik ben de Tweede Wereldoorlog. Fascinerend! Voor de weinigen die niet weten wat de oorsprong van deze uitspraak is: Harry was een nakomeling van een Oostenrijks-Hongaarse vader - die in Nederland bankier werd van joodse tegoeden - en van een Duits-joodse moeder.
Voor onze boekenlijst moesten we een boek lezen uit verschillende periodes: de Middeleeuwen, Renaissance, Tachtigers etc.. Omdat ik mijn lijst volledig had gebaseerd op Indische Letteren vond ik de rest bijzaak. Voor het gemak en als opvulling zette ik De Aanslag ook op mijn lijst. Maar ik weigerde het boek te lezen, of zelfs ook maar de film te kijken. Ik zat gebakken met mijn wel doordachte boekenserie over het oude Indië. Een uitdaging voor een docente Nederlands! Dan ga je geen vragen stellen over afgezaagde literatuur als Gijsbrecht van Aemstel, De Aanslag en Karakter. Die boeken hadden namelijk ook alle leerlingen, die níet geïnteresseerd waren in literatuur op hun lijst staan. Dat was voor mij eigenlijk te min. Dat zou mijn lerares toch ook wel inzien...
Mijn vriendin S. was als eerste aan de beurt voor het mondeling examen. Ze belde me direct toen ze thuis was en vertelde uitgebreid hoe het eraan toe was gegaan. Mulisch was kort besproken. Licht nerveus betrad ik het klaslokaal. Ik ging nog steeds uit van mijn eigen plan. Helaas had ik mijn lerares te hoog ingeschat. Ze begon met het voorlezen van een stukje tekst. 'Uit welk boek komt dit fragment?' Mijn hersenen kraakte als een bezetene. Opeens herkende ik iets van wat vriendin S. had genoemd. Zij had pas door over welk boek het ging toen het woord 'gevangenis' viel. Ik was gered! Zonder die kennis was ik afgegaan als een gieter. Mijn hele reputatie van aanstaande studente Nederlands zou naar de galemiezen zijn geholpen!
Om op je 19e al zo'n arrogante kijk te hebben op literatuur is misschien wat vroeg. Ik heb dus één belangrijk ding van de leermeester goed onthouden: hoogmoed komt voor de val... Eén van de redenen dat ik me daarna gestort heb op de prachtwerken van Mulisch en bij elke nieuwe uitgave zat te azen op de 1e druk.
Dank vriendin, voor het redden van mijn reputatie.
Dank Harry, voor het verrijken van mijn kennis, inzicht en boekenkast!

1 opmerking: