Het was weer kerst. Een leuke kerst, zoals kerst bedoeld is: het hele gezin bij elkaar. Het hele gezin bestaat inmiddels niet alleen meer uit vader, moeder en drie dochters. Hoewel wij met z'n vijven al vrij druk zijn, is de familie de laatste jaren een beetje uitgebreid. Het begon langzaam met een vriendje hier, een vriendje daar, een vriendje eraf, een vriendje erbij. Vooruit, een kindje. En nog een kindje dan maar. Tot zover nog te behappen.
Tegenwoordig gaat het zo:
Meestal kom ik als eerste aan en de meeste voorbereidingen zijn al getroffen. De muren zijn geluidsdicht gemaakt, breekbare spullen staan op drie meter hoogte, bedden staan klaar en koelkasten en kelder zijn volgestopt met eten. Als soldaten voordat ze ten strijde trekken, staan we met z'n drieën klaar: gespannen, maar ook opgewonden.
Dan komen mijn zussen met hun gevolg binnen. Opa wordt bedolven onder de kinderen en is het hele weekend ofwel een paard, klimrek, evenwichtsbalk of kermisattractie. Bij oma wordt op schoot gezeten en die moet ondertussen sokken, leggings, poppenkleertjes en knuffelbeesten verstellen. Dan komt superoma van 93 ook nog langs. Geïntrigeerd door haar gerimpelde gezicht bekijken de kindjes haar eerst goed en geven haar dan een kus. Mijn oudste neefje (6) ontfermt zich over de kleintjes, terwijl hij ondertussen zijn judokunsten showt. Neefje C. (2) roept de hele dag: 'Lachen! Fotootje!' Nichtje L. (5) ontfermt zich over nichtje M. (3) en zorgt dat ze niet harder van haar stoel valt dan haar zelf gebeurt. Zwager 1 brengt de hele dag in de keuken door, zwager 2 probeert zijn kinderen op te voeden. Mijn jongste neefje (1) sluipt door het huis en doemt dan weer in de keuken op, verschijnt halverwege de trap, dan weer in de hal en vindt ondertussen alles even grappig!
Na het diner, waarbij de jongens het halve arsenaal dat op tafel stond hebben verorberd en de meisjes een muizenhapje hebben gegeten, gaan ze naar bed. Er is rust.
Maar het is kerst en daar horen tradities bij. Mijn zussen, zwagers en ik gingen dus een spelletje doen. Nadat ik verschillende jaren het gezelschapsspel Cluedo heb verpest, door steevast vol te houden dat ik Mrs. Peakock niet had (hoe moeilijk kan het zijn, je hebt maar vier kaarten in je handen), gingen we dit jaar over op een nieuw spel: Scotland Yard. Twee rondes was ik Mr. X (degene die zich moet verstoppen en een rare pet op heeft) en binnen vijf minuten werd ik gevonden. Waarschijnlijk werd ik met een reden tot Mr. X ge- en herkozen. Dan waren we er snel van af en konden we gaan slapen. Een paar uur om bij te komen van de afgelopen dag en op te laden voor de volgende...Tweede Kerstdag...!
maandag 27 december 2010
maandag 6 december 2010
Boeken
Naast mijn bed liggen nogal wat boeken. Een stuk of tien. Ik ben er in zeker negen begonnen en heb er slechts twee uitgelezen. Maar als een boek niet uit is, kan ik het niet terug in de kast zetten. Op die manier groeit de stapel op mijn nachtkastje. Totdat ik een opruimwoede heb. Zo één die alleen vrouwen kunnen hebben. Dan ruim ik ze op. Maar na een paar weken ligt ongeveer hetzelfde stapeltje weer op die plek naast mijn bed. Ze waren nog niet uit...
Boeken zijn volgens mij in vier categorieën in te delen:
1) lijkt aardig, is ook leuk;
2) lijkt aardig, is verschrikkelijk;
3) lijkt verschrikkelijk, is ook zo;
4) lijkt saai, is geweldig!
Categorie 4 is mijn favoriete. Je begint aan een boek, omdat je even niets anders voor handen hebt en voor je het weet word je gegrepen, meegesleurd en wil je nooit meer stoppen. Je moet bijna huilen als het uit is. Omdat onbekend is hoe het verder gaat en dat is nou juist het enige dat je op dat moment wilt weten.
Helaas is dit ook de meest zeldzame groep.
Mijn top 3 binnen deze soort:
Madame Bovary van Gustave Flaubert (de eerste mannelijk schrijver die een geloofwaardige vrouw heeft neergezet);
Hokwerda's kind van Oek de Jong (beschrijft (liefdes)relaties en (zelf)bedrog);
Lady Chatterley's lover van D.H. Lawrence (werd in 1928 geschreven en in Engeland pas in 1960 uitgegeven vanwege de expliciete seksscènes, die nogal wat stof deden opwaaien).
En daarom kunnen die boeken naast mijn bed niet terug de kast in. Er is altijd een kans dat er een categorie 4 tussen zit...
Boeken zijn volgens mij in vier categorieën in te delen:
1) lijkt aardig, is ook leuk;
2) lijkt aardig, is verschrikkelijk;
3) lijkt verschrikkelijk, is ook zo;
4) lijkt saai, is geweldig!
Categorie 4 is mijn favoriete. Je begint aan een boek, omdat je even niets anders voor handen hebt en voor je het weet word je gegrepen, meegesleurd en wil je nooit meer stoppen. Je moet bijna huilen als het uit is. Omdat onbekend is hoe het verder gaat en dat is nou juist het enige dat je op dat moment wilt weten.
Helaas is dit ook de meest zeldzame groep.
Mijn top 3 binnen deze soort:
Madame Bovary van Gustave Flaubert (de eerste mannelijk schrijver die een geloofwaardige vrouw heeft neergezet);
Hokwerda's kind van Oek de Jong (beschrijft (liefdes)relaties en (zelf)bedrog);
Lady Chatterley's lover van D.H. Lawrence (werd in 1928 geschreven en in Engeland pas in 1960 uitgegeven vanwege de expliciete seksscènes, die nogal wat stof deden opwaaien).
En daarom kunnen die boeken naast mijn bed niet terug de kast in. Er is altijd een kans dat er een categorie 4 tussen zit...
donderdag 11 november 2010
Crèche
Wat vind je van het idee dat werk zoiets is als een dagopvang voor volwassenen? Het houdt je de hele dag van de straat en vooruit, je krijgt er voor betaald. Je doet per slot van rekening toch iets nuttigs voor de samenleving. (Een idee van vriendin M...).
En als je dat idee nou eens verder doortrekt? Je richt een crèche op voor volwassenen. Wanneer je je vriendje of vriendinnetje even zat bent: een dagje crèche! Een directeur ziet een van zijn collega's gestressed rondlopen en zegt: 'Weet je wat we met jou doen? Je gaat een dagje naar de crèche!'
Eén dag vantevoren krijg je een liga en een lekkende melkbeker toegestuurd. Die moet je meenemen. Op het parkeerterrein staan fietsen. Je mag achterop zitten, want er is een rugsteun en er zijn voetstepjes aan bevestigd. Je hoeft de hele dag niks te doen, waar je geen zin in hebt. Als je wilt knippen en plakken, dan kan dat. Wil je liever verkleed als prinses op de glijbaan? Dat is mogelijk! Stift op je handen en kleren? Geeft niks! Klei, papier, potloden, een verkleedhoek en zandbak. Er is materiaal en er zijn speeltoestellen genoeg! Maar als je iemand van zijn skelter trekt, omdat jij erop wilt, dan komt de juf erbij. We gaan wel gewoon normaal met elkaar om, hè?!
En als je dat idee nou eens verder doortrekt? Je richt een crèche op voor volwassenen. Wanneer je je vriendje of vriendinnetje even zat bent: een dagje crèche! Een directeur ziet een van zijn collega's gestressed rondlopen en zegt: 'Weet je wat we met jou doen? Je gaat een dagje naar de crèche!'
Eén dag vantevoren krijg je een liga en een lekkende melkbeker toegestuurd. Die moet je meenemen. Op het parkeerterrein staan fietsen. Je mag achterop zitten, want er is een rugsteun en er zijn voetstepjes aan bevestigd. Je hoeft de hele dag niks te doen, waar je geen zin in hebt. Als je wilt knippen en plakken, dan kan dat. Wil je liever verkleed als prinses op de glijbaan? Dat is mogelijk! Stift op je handen en kleren? Geeft niks! Klei, papier, potloden, een verkleedhoek en zandbak. Er is materiaal en er zijn speeltoestellen genoeg! Maar als je iemand van zijn skelter trekt, omdat jij erop wilt, dan komt de juf erbij. We gaan wel gewoon normaal met elkaar om, hè?!
zondag 7 november 2010
Verdwaalangst
Iedereen heeft zijn sterke en zwakke kanten. Plus- en minpunten. Talenten en minder ontwikkelde competenties. Dat maakt helemaal niets uit. Maar er zijn van die ontwikkelpunten die je het leven knap lastig kunnen maken. Mijn manco is: verdwaalangst! Deze angst zit niet tussen mijn oren - was het maar zo - maar is reëel. Het is een wonder dat ik niet verdwaald ben in het geboortekanaal! (Hoewel, ik lag de laatste maanden steeds verkeerd om, dus misschien is het toen wel begonnen.)
Als kind verdwaalde ik in kerken (blinde paniek), op de middelbare school kon ik het lokaal niet vinden (blinde paniek) en als student ben ik een paar keer bijna te laat bij een tentamen aangekomen (blinde paniek). Bij sollicitaties ben ik niet gestressed voor het gesprek, maar voor de vreemde locatie die ik op tijd moet zien te vinden. Tegenwoordig bouw ik dus altijd een half uur 'verdwaaltijd' in.
Nu heb ik in mijn leven mensen om mij heen verzameld die wel een heel goed oriëntatievermogen hebben. Aan hen klamp ik me dan ook vast. Tijdens vakanties maak ik afspraken:'Als jij de weg onthoudt, dan draag ik de tas'. of 'Als jij nog weet hoe we terug komen, dan zorg ik voor eten.' Wanneer je met mij op vakantie gaat wordt er nogal wat van je gevraagd. Op een camping moet je op de uitkijk staan, zwaaiend met een rood t-shirt, als ik even ga plassen. In een hotel ga ik niet naar de ontbijtzaal zonder dat je meegaat. Mobiele telefoons moeten altijd aan staan en binnen handbereik liggen.
Met mijn auto voor de deur is het leven er niet gemakkelijker op geworden. Men verwacht van mij dat ik vrolijk in de Tomaat stap en even naar Amsterdam rijd, of naar een andere onvindbare plek in Nederland. 'Maar je hebt toch een TomTom?' Ja, maar die zegt ook onbegrijpelijke dingen als: 'Neem toerit vooruit.' Wàt? Nou, en voordat je dat begrepen hebt, zit je alweer op de verkeerde weg! (Met dat soort vage aanwijzingen heb ik trouwens ook nogal wat langlaufloipes vernaggeld).
Ook op dit moment zit ik met zwetende handen, omdat ik straks naar een vriendinnetje ga dat jarig is. Ergens in het midden van het land. Dan kan ik meteen oefenen voor mijn trip naar een vergadering morgenochtend... Dat wordt vroeg opstaan. Héél vroeg!
Als kind verdwaalde ik in kerken (blinde paniek), op de middelbare school kon ik het lokaal niet vinden (blinde paniek) en als student ben ik een paar keer bijna te laat bij een tentamen aangekomen (blinde paniek). Bij sollicitaties ben ik niet gestressed voor het gesprek, maar voor de vreemde locatie die ik op tijd moet zien te vinden. Tegenwoordig bouw ik dus altijd een half uur 'verdwaaltijd' in.
Nu heb ik in mijn leven mensen om mij heen verzameld die wel een heel goed oriëntatievermogen hebben. Aan hen klamp ik me dan ook vast. Tijdens vakanties maak ik afspraken:'Als jij de weg onthoudt, dan draag ik de tas'. of 'Als jij nog weet hoe we terug komen, dan zorg ik voor eten.' Wanneer je met mij op vakantie gaat wordt er nogal wat van je gevraagd. Op een camping moet je op de uitkijk staan, zwaaiend met een rood t-shirt, als ik even ga plassen. In een hotel ga ik niet naar de ontbijtzaal zonder dat je meegaat. Mobiele telefoons moeten altijd aan staan en binnen handbereik liggen.
Met mijn auto voor de deur is het leven er niet gemakkelijker op geworden. Men verwacht van mij dat ik vrolijk in de Tomaat stap en even naar Amsterdam rijd, of naar een andere onvindbare plek in Nederland. 'Maar je hebt toch een TomTom?' Ja, maar die zegt ook onbegrijpelijke dingen als: 'Neem toerit vooruit.' Wàt? Nou, en voordat je dat begrepen hebt, zit je alweer op de verkeerde weg! (Met dat soort vage aanwijzingen heb ik trouwens ook nogal wat langlaufloipes vernaggeld).
Ook op dit moment zit ik met zwetende handen, omdat ik straks naar een vriendinnetje ga dat jarig is. Ergens in het midden van het land. Dan kan ik meteen oefenen voor mijn trip naar een vergadering morgenochtend... Dat wordt vroeg opstaan. Héél vroeg!
maandag 1 november 2010
I.M. Mulisch
Het nieuws dat Harry Mulisch gisteren is overleden heeft geloof ik wel elke Nederlander bereikt. Een man, waar de arrogantie volgens velen vanaf droop. Maar ook zelfspot maakte deel uit van zijn persoonlijkheid.
Natuurlijk werd Harry Mulisch al op de middelbare school behandeld. Later ook tijdens mijn studie en nog iets - maar niet veel - later heb ik zelf een les over de inmiddels gestorven Grote Drie na-oorlogse schrijvers Mulisch, Reve en Hermans gegeven.
Als letterkundige voel ik me genoodzaakt om iets over deze schrijver te vertellen. Niets hoogdravends, maar gewoon een herinnering.
Mijn eerste kennismaking met Mulisch was de volgende zin: Ik ben de Tweede Wereldoorlog. Fascinerend! Voor de weinigen die niet weten wat de oorsprong van deze uitspraak is: Harry was een nakomeling van een Oostenrijks-Hongaarse vader - die in Nederland bankier werd van joodse tegoeden - en van een Duits-joodse moeder.
Voor onze boekenlijst moesten we een boek lezen uit verschillende periodes: de Middeleeuwen, Renaissance, Tachtigers etc.. Omdat ik mijn lijst volledig had gebaseerd op Indische Letteren vond ik de rest bijzaak. Voor het gemak en als opvulling zette ik De Aanslag ook op mijn lijst. Maar ik weigerde het boek te lezen, of zelfs ook maar de film te kijken. Ik zat gebakken met mijn wel doordachte boekenserie over het oude Indië. Een uitdaging voor een docente Nederlands! Dan ga je geen vragen stellen over afgezaagde literatuur als Gijsbrecht van Aemstel, De Aanslag en Karakter. Die boeken hadden namelijk ook alle leerlingen, die níet geïnteresseerd waren in literatuur op hun lijst staan. Dat was voor mij eigenlijk te min. Dat zou mijn lerares toch ook wel inzien...
Mijn vriendin S. was als eerste aan de beurt voor het mondeling examen. Ze belde me direct toen ze thuis was en vertelde uitgebreid hoe het eraan toe was gegaan. Mulisch was kort besproken. Licht nerveus betrad ik het klaslokaal. Ik ging nog steeds uit van mijn eigen plan. Helaas had ik mijn lerares te hoog ingeschat. Ze begon met het voorlezen van een stukje tekst. 'Uit welk boek komt dit fragment?' Mijn hersenen kraakte als een bezetene. Opeens herkende ik iets van wat vriendin S. had genoemd. Zij had pas door over welk boek het ging toen het woord 'gevangenis' viel. Ik was gered! Zonder die kennis was ik afgegaan als een gieter. Mijn hele reputatie van aanstaande studente Nederlands zou naar de galemiezen zijn geholpen!
Om op je 19e al zo'n arrogante kijk te hebben op literatuur is misschien wat vroeg. Ik heb dus één belangrijk ding van de leermeester goed onthouden: hoogmoed komt voor de val... Eén van de redenen dat ik me daarna gestort heb op de prachtwerken van Mulisch en bij elke nieuwe uitgave zat te azen op de 1e druk.
Dank vriendin, voor het redden van mijn reputatie.
Dank Harry, voor het verrijken van mijn kennis, inzicht en boekenkast!
Natuurlijk werd Harry Mulisch al op de middelbare school behandeld. Later ook tijdens mijn studie en nog iets - maar niet veel - later heb ik zelf een les over de inmiddels gestorven Grote Drie na-oorlogse schrijvers Mulisch, Reve en Hermans gegeven.
Als letterkundige voel ik me genoodzaakt om iets over deze schrijver te vertellen. Niets hoogdravends, maar gewoon een herinnering.
Mijn eerste kennismaking met Mulisch was de volgende zin: Ik ben de Tweede Wereldoorlog. Fascinerend! Voor de weinigen die niet weten wat de oorsprong van deze uitspraak is: Harry was een nakomeling van een Oostenrijks-Hongaarse vader - die in Nederland bankier werd van joodse tegoeden - en van een Duits-joodse moeder.
Voor onze boekenlijst moesten we een boek lezen uit verschillende periodes: de Middeleeuwen, Renaissance, Tachtigers etc.. Omdat ik mijn lijst volledig had gebaseerd op Indische Letteren vond ik de rest bijzaak. Voor het gemak en als opvulling zette ik De Aanslag ook op mijn lijst. Maar ik weigerde het boek te lezen, of zelfs ook maar de film te kijken. Ik zat gebakken met mijn wel doordachte boekenserie over het oude Indië. Een uitdaging voor een docente Nederlands! Dan ga je geen vragen stellen over afgezaagde literatuur als Gijsbrecht van Aemstel, De Aanslag en Karakter. Die boeken hadden namelijk ook alle leerlingen, die níet geïnteresseerd waren in literatuur op hun lijst staan. Dat was voor mij eigenlijk te min. Dat zou mijn lerares toch ook wel inzien...
Mijn vriendin S. was als eerste aan de beurt voor het mondeling examen. Ze belde me direct toen ze thuis was en vertelde uitgebreid hoe het eraan toe was gegaan. Mulisch was kort besproken. Licht nerveus betrad ik het klaslokaal. Ik ging nog steeds uit van mijn eigen plan. Helaas had ik mijn lerares te hoog ingeschat. Ze begon met het voorlezen van een stukje tekst. 'Uit welk boek komt dit fragment?' Mijn hersenen kraakte als een bezetene. Opeens herkende ik iets van wat vriendin S. had genoemd. Zij had pas door over welk boek het ging toen het woord 'gevangenis' viel. Ik was gered! Zonder die kennis was ik afgegaan als een gieter. Mijn hele reputatie van aanstaande studente Nederlands zou naar de galemiezen zijn geholpen!
Om op je 19e al zo'n arrogante kijk te hebben op literatuur is misschien wat vroeg. Ik heb dus één belangrijk ding van de leermeester goed onthouden: hoogmoed komt voor de val... Eén van de redenen dat ik me daarna gestort heb op de prachtwerken van Mulisch en bij elke nieuwe uitgave zat te azen op de 1e druk.
Dank vriendin, voor het redden van mijn reputatie.
Dank Harry, voor het verrijken van mijn kennis, inzicht en boekenkast!
woensdag 20 oktober 2010
(Project) Pien
Als jongste van drie meisjes hebben mijn ouders lang nagedacht over mijn naam. Een jongensnaam was volgens mij zo gepiept. Maar nóg een meisjesnaam...? Uiteindelijk werd het de vrouwelijke versie van een familienaam. Een mooie, maar lange naam van elf letters, die tot op heden verkeerd wordt gespeld en/of uitgesproken. Ik heb de volgende varianten gezien en gehoord: Christina, Christiana, Christian, Kristiania (een alternatieve sociëteit in het centrum van Kopenhagen), Christiane. Het tussenvoegsel 'ti' schijnt de combinatie Chris en Anne erg moeilijk te maken. (En dan heb ik ook nog een dergelijke achternaam, waar ik nu verder niet op in zal gaan).
De naam was verzonnen, dus alles in kannen en kruiken, zou je denken. Maar ik was een nogal klein uitgevallen baby met een - zo stel ik mijn voor - niet al te statige uitstraling. Mijn vader vond het gek om zo'n ieniemini piepkleine baby aan te duiden met een naam van elf letters. Dus na enige associatie kwam hij op Pien. En zo kwam het dat de hele familie mij Pien ging noemen. En de juffen en meesters. En mijn vriendjes en vriendinnetjes. En de vrienden van mijn zussen. Ik vond het zelf echter wel bijzonder dat ik anders werd genoemd dan ik eigenlijk heette. Daarom had ik een soort ballotagecommissie met mijzelf opgericht. Nieuwe mensen moesten altijd even vragen of ze me wel Pien mochten noemen. Vaak was het antwoord positief, maar het gebeurde ook wel dat ik een negatief advies uitbracht. Tsja...die dingen gebeuren!
Toen kwam er een omslagpunt: ik ging naar de middelbare school. Mijn vader en ik vulden samen het inschrijfformulier in. Ik had de keuze om voortaan honderd procent als Pien door het leven te gaan. Maar wilde ik dat wel? Het is mijn naam die staat voor bekend en veilig. En een nieuwe school is alles behalve dat! Het werd dus mijn officiële naam, waarvan ik al wist dat die afgekort zou gaan worden. Tot op de dag van vandaag heb ik geen spijt van de keuze!
Christianne is voor de buitenwereld, Chris is voor vrienden, Pien is voor thuis!
De naam was verzonnen, dus alles in kannen en kruiken, zou je denken. Maar ik was een nogal klein uitgevallen baby met een - zo stel ik mijn voor - niet al te statige uitstraling. Mijn vader vond het gek om zo'n ieniemini piepkleine baby aan te duiden met een naam van elf letters. Dus na enige associatie kwam hij op Pien. En zo kwam het dat de hele familie mij Pien ging noemen. En de juffen en meesters. En mijn vriendjes en vriendinnetjes. En de vrienden van mijn zussen. Ik vond het zelf echter wel bijzonder dat ik anders werd genoemd dan ik eigenlijk heette. Daarom had ik een soort ballotagecommissie met mijzelf opgericht. Nieuwe mensen moesten altijd even vragen of ze me wel Pien mochten noemen. Vaak was het antwoord positief, maar het gebeurde ook wel dat ik een negatief advies uitbracht. Tsja...die dingen gebeuren!
Toen kwam er een omslagpunt: ik ging naar de middelbare school. Mijn vader en ik vulden samen het inschrijfformulier in. Ik had de keuze om voortaan honderd procent als Pien door het leven te gaan. Maar wilde ik dat wel? Het is mijn naam die staat voor bekend en veilig. En een nieuwe school is alles behalve dat! Het werd dus mijn officiële naam, waarvan ik al wist dat die afgekort zou gaan worden. Tot op de dag van vandaag heb ik geen spijt van de keuze!
Christianne is voor de buitenwereld, Chris is voor vrienden, Pien is voor thuis!
Project (Pien)
Sommige mensen vragen zich af waarom ik mijn weblog de naam heb gegeven, die het heeft: Project Pien. Om die vraag te beantwoorden moet ik je eerst vertellen waarom ik een weblog ben begonnen. Een simpele kwestie. De mensen die ik overdag het meest zie - collega's dus - werden na een goed jaar een beetje moe van mijn eindeloze verhalen. Mister Weegemeker (zie eerdere blog Ode) kwam toen met het ingenieuze idee dat ik mijn verhalen beter kon opschrijven, in de hoop dat ik de rest van de dag iets vaker mijn mond zou houden. (Dat is overigens niet helemaal gelukt). Leuk bedacht, maar hoe en waar dan? Want als niemand het leest, dan vind ik er weinig aan! Op het moment dat hij het woord 'weblog' uitsprak, begon ik al te zoeken, maakte lukraak een account aan en binnen vijf minuten was Project Pien ontstaan!
Een van de definities van project is: 'een tijdelijke inspanning met als doel het creëren van een uniek product of een unieke service'. Het is mijn beroep om projecten in goede banen te leiden (ook wel project manager genoemd). Maar is dit eigenlijk ook niet wat een schrijver doet?
Het woord project doet het altijd goed, heb ik gemerkt. Het geeft aan dat er sprake is van een begin en een einde. Voordat je je kunt gaan vervelen, is mijn verhaaltje al weer afgelopen! Films, bands en boeken gebruiken ook vaak project in hun titel: Blair Witch Project (film), The Allan Parsons Project (muziek), Project Eva (nooit van gehoord, maar op Bol.com kun je 3 pagina's literatuur vinden met project in de titel). Je ziet al: in de titels/namen zie je vaak het woord project in combinatie met een naam. Zo origineel was ik dus niet...
Maar tot op de dag van vandaag heb ik geen betere titel kunnen bedenken!
De volgende keer vertel ik je iets over het tweede deel van de titel: Pien!
Een van de definities van project is: 'een tijdelijke inspanning met als doel het creëren van een uniek product of een unieke service'. Het is mijn beroep om projecten in goede banen te leiden (ook wel project manager genoemd). Maar is dit eigenlijk ook niet wat een schrijver doet?
Het woord project doet het altijd goed, heb ik gemerkt. Het geeft aan dat er sprake is van een begin en een einde. Voordat je je kunt gaan vervelen, is mijn verhaaltje al weer afgelopen! Films, bands en boeken gebruiken ook vaak project in hun titel: Blair Witch Project (film), The Allan Parsons Project (muziek), Project Eva (nooit van gehoord, maar op Bol.com kun je 3 pagina's literatuur vinden met project in de titel). Je ziet al: in de titels/namen zie je vaak het woord project in combinatie met een naam. Zo origineel was ik dus niet...
Maar tot op de dag van vandaag heb ik geen betere titel kunnen bedenken!
De volgende keer vertel ik je iets over het tweede deel van de titel: Pien!
zondag 17 oktober 2010
Ode (deel 2) (gastblog door Beekie)
Als aanvulling op de cast van 'Werk in Uitvoering'
Dan is er nog de hoofdrolspeelster....
Kristien, 'De Diva'.
Alles draait om haar en dat weet ze! De dag begint niet echt als ze nog niet binnen is. Ze heeft een perfecte timing om de dramatische momenten uit te kiezen voor aandacht, daarbij altijd het midden van de kamer nemend midden in het schelle TL-licht. Lichte zelfoverschatting zorgt voor hilarische situaties. Zo neemt ze graag ietwat badinerend moeilijke telefoongesprekken van Mr. Wegemeeker over, wat telkens weer in een waar drama ontaardt, dit lost ze vervolgens op door een lok haar naar achteren te gooien en ("kom mee Nel") soep bij Green Bean te halen met Vieze Nel en Tuttifrutti.
Kenmerken: betrokken, dramatisch, diva en gezellig.
To be continued!
Dan is er nog de hoofdrolspeelster....
Kristien, 'De Diva'.
Alles draait om haar en dat weet ze! De dag begint niet echt als ze nog niet binnen is. Ze heeft een perfecte timing om de dramatische momenten uit te kiezen voor aandacht, daarbij altijd het midden van de kamer nemend midden in het schelle TL-licht. Lichte zelfoverschatting zorgt voor hilarische situaties. Zo neemt ze graag ietwat badinerend moeilijke telefoongesprekken van Mr. Wegemeeker over, wat telkens weer in een waar drama ontaardt, dit lost ze vervolgens op door een lok haar naar achteren te gooien en ("kom mee Nel") soep bij Green Bean te halen met Vieze Nel en Tuttifrutti.
Kenmerken: betrokken, dramatisch, diva en gezellig.
To be continued!
woensdag 29 september 2010
Ode
Ik heb een kijkcijferkanon bedacht. Mijn programma gaat verder dan een simpele docusoap, opgenomen in Chersonisos of in een afgesloten huis. Ik zou het eerder een real life comedy willen noemen. Ik neem je even mee...
Stel je de eerste aflevering, nee, de intro-afelevering voor, waarin alle acteurs worden voorgesteld.
'Werk in Uitvoering' starring:
Vieze Nel: Een kleine dame met een grote mond, die boeren als aardbevingen en plat Haags kan produceren. Maar ook een vrouw die vol zit met wijze liefdes- en levenslessen. Inmiddels al enige jaren samen met de man van haar dromen. Dikwijls komt zij met een lichte kater op werk aan, maar dat zal een buitenstaander nooit en te nimmer aan haar merken.
Kenmerk: herhaalt haar eigen grappen.
Mister Wegemeker: Een niet al te grote kale jongen. Vader van twee kinderen, die nogal wat zorg nodig hebben vanwege het baby-zijn, vrije dagen van juffen of puur vanwege ziekte en daardoor de auto vol kotsen. Kan trouwens ook boeren en schelden als de beste, zoals een echte Hagenees betaamt. Grote mond, maar klein hartje.
Kenmerk: wordt bij zeldzame woedeuitbarstingen knalrood en stomerig.
Beekie: Een grote Amsterdammer. Had stiekem profvoetballer willen worden, maar is inmiddels professioneel zakenman en vader. Komt openlijk uit voor zijn liefde voor disco, soul en Boer zoekt Vrouw. Heeft de prachtigste verhalen over het verleden, heden en de toekomst. Hoopt elke maand op de hoofdprijs van de Staatsloterij. Heeft het niet zo op pedagogische adviezen die de hamster van zijn dochter aangaan.
Kenmerk: wordt nooit betrapt op een slechte bui.
De vaste visitors:
Tutti Frutti: Een lange blonde schone. Altijd in voor een lolletje, drankje of een goed verhaal. Vaste gast in elke aflevering.
Wallie: Was ooit een collega, maar komt alleen nog voor in verhalen, die de hele cast doet huiveren en sidderen.
Mocht iemand interesse hebben in het maken van deze serie, dan kunnen we natuurlijk altijd samen kijken of er passende acteurs te vinden zijn. Ik heb wel een paar suggesties..!
Stel je de eerste aflevering, nee, de intro-afelevering voor, waarin alle acteurs worden voorgesteld.
'Werk in Uitvoering' starring:
Vieze Nel: Een kleine dame met een grote mond, die boeren als aardbevingen en plat Haags kan produceren. Maar ook een vrouw die vol zit met wijze liefdes- en levenslessen. Inmiddels al enige jaren samen met de man van haar dromen. Dikwijls komt zij met een lichte kater op werk aan, maar dat zal een buitenstaander nooit en te nimmer aan haar merken.
Kenmerk: herhaalt haar eigen grappen.
Mister Wegemeker: Een niet al te grote kale jongen. Vader van twee kinderen, die nogal wat zorg nodig hebben vanwege het baby-zijn, vrije dagen van juffen of puur vanwege ziekte en daardoor de auto vol kotsen. Kan trouwens ook boeren en schelden als de beste, zoals een echte Hagenees betaamt. Grote mond, maar klein hartje.
Kenmerk: wordt bij zeldzame woedeuitbarstingen knalrood en stomerig.
Beekie: Een grote Amsterdammer. Had stiekem profvoetballer willen worden, maar is inmiddels professioneel zakenman en vader. Komt openlijk uit voor zijn liefde voor disco, soul en Boer zoekt Vrouw. Heeft de prachtigste verhalen over het verleden, heden en de toekomst. Hoopt elke maand op de hoofdprijs van de Staatsloterij. Heeft het niet zo op pedagogische adviezen die de hamster van zijn dochter aangaan.
Kenmerk: wordt nooit betrapt op een slechte bui.
De vaste visitors:
Tutti Frutti: Een lange blonde schone. Altijd in voor een lolletje, drankje of een goed verhaal. Vaste gast in elke aflevering.
Wallie: Was ooit een collega, maar komt alleen nog voor in verhalen, die de hele cast doet huiveren en sidderen.
Mocht iemand interesse hebben in het maken van deze serie, dan kunnen we natuurlijk altijd samen kijken of er passende acteurs te vinden zijn. Ik heb wel een paar suggesties..!
vrijdag 17 september 2010
Jordanië (deel 2)
De eerste grote bezienswaardigheid in Jordanië was Jerash. Ik moest daarbij denken aan de Romereis, die ik in de 5e klas met school maakte. We liepen over de Via Appia en op de een of andere manier viel ik in de struiken. Vraag me niet hoe dat kwam. Jerash was een combinatie van de Via Appia en het Forum Romanum.
Na een flink eind lopen, een onbewust aangegane verloving met een politieman wiens naam ik niet weet en vier liter water, kwamen we aan bij de Dode Zee. Het was ontzettend warm, dus een duik in de zee konden we wel gebruiken. Maar de zee was heel erg warm en duiken is ook geen goed idee. Er kwam een drupje water in mijn oog en dat deed al helse pijn. Gelukkig was er ook een zwembad met uitzicht op de Dode Zee gebouwd. Prima alternatief!
Loom van de zon en het zwemmen en met een heerlijk zacht huidje van de modder uit de zee, gingen vriendin en M. het centrum van Amman in. Op zoek naar iets te eten. Het viel op dat er zoveel auto's toeterden en daarna viel op dat iedereen naar ons keek. Na een half uur voelden we ons een attractie en dat gevoel is niet meer weggegaan. Op een gegeven moment sprak een man ons in het Nederlands aan. Hij had drie jaar in Delft gewoond en had nu een restaurant in Amman. We moesten gaan zitten en hij zou wel wat eten maken. Soep, vlees, limonade, pickles, shisha, thee. Alles werd aangerukt. Voor het eerst maakten we kennis met de enorme gastvrijheid van Jordaniërs.
dinsdag 14 september 2010
Jordanië (deel 1)
Al jaren wilde ik graag naar het Midden Oosten. Het liefst naar Israël, maar de kans deed zich nu voor om Jordanië te bezoeken. Misschien wel zo veilig. Jordanië ligt dan wel tussen allerlei licht gestresste landen, maar koning Abdulah II is vredelievend en laat het allemaal maar langs zich heen gaan. Althans, zo lijkt het. Het fijne weet ik er ook niet van.
Vriendin M. en ik besloten slechts een paar weken geleden om een groepsreis naar Jordanië te boeken. Het idee van een groep sprak ons niet zo aan, maar de gemakken eromheen wel. Al op Schiphol zagen we een paar mensen die - gehuld in gemakkelijke kledij en wandelschoenen - zeker in aanmerking kwamen voor het etiket 'groepsreiziger'. We besloten ons onzichtbaar te gedragen en de kennismaking vijf uur uit te stellen tot we in Amman aangekomen waren. Omdat we op het vliegveld meteen ons paspoort in moesten leveren voelde ik me niet ontspannen genoeg om mijn apathie jegens groepen te verjagen. Op dit punt liet vriendin M. zich gelukkig van haar sociale kant zien, zodat ik niet opviel.
Eenmaal in het hotel vond ik dat het tijd was voor een biertje. Met die ramadan zou het allemaal wel meevallen, dacht ik optimistisch. Niet wetende dat we voor elke volgende alcoholische versnapering die week al onze charmes in de strijd zouden moeten gooien. Gelukkig hadden we één grote troef in handen: onze blonde haren en blauwe ogen...
dinsdag 17 augustus 2010
Mascara
Uit tijdgebrek maak ik mijzelf altijd op in de trein. Ik weet wel dat mensen mee zitten te gluren, maar dat maakt me niet echt uit.
Gisteren liet ik mijn mascara vallen. Even twijfelde ik of ik zou doen of ik het niet had gemerkt, maar ten eerste leek me dat raar, ten tweede was het een nieuwe en ten derde merkten de dames naast en tegenover mij het. Dan is het een beetje gek om niet op te staan en het te pakken. Maar zo gemakkelijk was dat niet. Het ding rolde door de coupé heen, dus ik moest er in mijn ietwat te korte jurkje en te grote tas achteraan kruipen. Ik zag het niet zo goed, vanwege een waas voor mijn ogen; ik wilde niet knipperen met mijn natte, zwarte wimpers. Uiteindelijk had ik mijn mascara toch te pakken en wurmde ik me weer terug op mijn plekje. Een van de mevrouwen zei nog:'Maar...je ziet er bééldig uit.' Ik wist niet zo goed of dat sarcastisch was bedoeld, of dat ze me een beetje zielig vond...
Gisteren liet ik mijn mascara vallen. Even twijfelde ik of ik zou doen of ik het niet had gemerkt, maar ten eerste leek me dat raar, ten tweede was het een nieuwe en ten derde merkten de dames naast en tegenover mij het. Dan is het een beetje gek om niet op te staan en het te pakken. Maar zo gemakkelijk was dat niet. Het ding rolde door de coupé heen, dus ik moest er in mijn ietwat te korte jurkje en te grote tas achteraan kruipen. Ik zag het niet zo goed, vanwege een waas voor mijn ogen; ik wilde niet knipperen met mijn natte, zwarte wimpers. Uiteindelijk had ik mijn mascara toch te pakken en wurmde ik me weer terug op mijn plekje. Een van de mevrouwen zei nog:'Maar...je ziet er bééldig uit.' Ik wist niet zo goed of dat sarcastisch was bedoeld, of dat ze me een beetje zielig vond...
dinsdag 10 augustus 2010
Tante (2)
Aan het begin van de zomervakantie kwam mijn neefje bij mij logeren logeren. Nu is het einde van de vakantie in zicht en is mijn nichtje aan de beurt. Even dacht ze dat het mis zou gaan...
Op de dag van de terugreis van Italië naar Nederland zegt mijn zus:
'Nou Lotte, dat was al weer de laatste dag van de vakantie!'
Met een pruillipje merkt Lotte op:
'Maar dan zijn we helemaal vergeten om bij Pien te logeren!'
'Nee gekkie, dit was de laatste dag van de vakantie in Italië. Maar als we thuis zijn, hoef je nog niet naar school!'
Opgevrolijkt roept Lotte haar broer:
'Als ik bij Pien ben, dan moet jij gewoon naar De Boshut (de naschoolse opvang)!'
Nu ontstaat er een pruillip bij mijn neefje.
'Ja, want toen jij bij Pien was, toen moest ik dat ook gewoon!'
Op de dag van de terugreis van Italië naar Nederland zegt mijn zus:
'Nou Lotte, dat was al weer de laatste dag van de vakantie!'
Met een pruillipje merkt Lotte op:
'Maar dan zijn we helemaal vergeten om bij Pien te logeren!'
'Nee gekkie, dit was de laatste dag van de vakantie in Italië. Maar als we thuis zijn, hoef je nog niet naar school!'
Opgevrolijkt roept Lotte haar broer:
'Als ik bij Pien ben, dan moet jij gewoon naar De Boshut (de naschoolse opvang)!'
Nu ontstaat er een pruillip bij mijn neefje.
'Ja, want toen jij bij Pien was, toen moest ik dat ook gewoon!'
woensdag 14 juli 2010
Beestjes
Oke. Ik ruim niet elke dag op, in mijn koelkast leven potjes appelmoes uit 2007, ik draag gekreukte kleren en soms knoei ik tijdens de lunch. Maar in de zomer spoel ik mijn afwas altijd af en vuilniszakken gooi ik onmiddellijk weg nadat ik er eten in heb gegooid. Ik ben namelijk als de dood voor...beestjes! Van hele kleine, zoals - gruwel! - maden tot wat grotere beesten als muizen. Ik ben twee keer verhuisd, omdat er een muis in mijn kamer liep. Eentje maakte het zo bont dat hij (of zij) me stug aan bleef kijken wanneer ik 's nachts, als ik mijn vijand hoorde trippelen, het licht aan deed en de muziek heel hard zette. Gif werkte ook niet. Tijd om te gaan! Het allerergst vind ik kakkerlakken! Op vakantie vroeg ik een keer aan mijn reisgenoot of hij nog eens wilde vertellen over zijn wereldreis en welke enge beesten hij toen tegen kwam. Tijdens zijn verhaal pakte ik wat te drinken en daar zat ie... Meneer Kakkerlak. De rest van de week heb ik me voor het slapen gaan ingepakt in dekens, ook was het 40 graden. En oordoppen in, want ik was zo bang dat ik zijn vrienden over de muur hoorde lopen. Ik krijg er nog rillingen van!
In dit oeroude huisje voelen spinnen zich thuis. Gelukkig zitten ze vooral op het toilet, waar ik altijd beschik over een moordwapen en een een enkeltje richting riool. Natuurlijk kan ik ze ook buiten zetten, maar mijn fluwelen handschoen knijpt altijd te hard. Vandaag alleen al heb ik vier muggen, twee vliegen en een spin dood gemaakt. Voor alle andere dieren ben ik heel lief, echt waar! Ik zou het nooit in mijn hoofd halen om welk beest dan ook pijn te doen. Totdat ik erachter kwam dat ik geen wiskunde- en natuurkundetijger bleek te zijn, wilde ik zelfs dierenarts worden. Maar voor insecten voel ik geen enkele genegenheid.
Ik ken een Tibetaanse vrouw die heel boos wordt als je ook maar een fruitvliegje dood mept, want dat had zomaar je overleden overgrootmoeder kunnen zijn. Sinds ik dat weet voel ik me toch wel schuldig over elke fijngestampte mier. En mijn angst is gegroeid. Wat nou als al die beestjes die ik vermoord heb een keer wraak op mij zullen nemen?
In dit oeroude huisje voelen spinnen zich thuis. Gelukkig zitten ze vooral op het toilet, waar ik altijd beschik over een moordwapen en een een enkeltje richting riool. Natuurlijk kan ik ze ook buiten zetten, maar mijn fluwelen handschoen knijpt altijd te hard. Vandaag alleen al heb ik vier muggen, twee vliegen en een spin dood gemaakt. Voor alle andere dieren ben ik heel lief, echt waar! Ik zou het nooit in mijn hoofd halen om welk beest dan ook pijn te doen. Totdat ik erachter kwam dat ik geen wiskunde- en natuurkundetijger bleek te zijn, wilde ik zelfs dierenarts worden. Maar voor insecten voel ik geen enkele genegenheid.
Ik ken een Tibetaanse vrouw die heel boos wordt als je ook maar een fruitvliegje dood mept, want dat had zomaar je overleden overgrootmoeder kunnen zijn. Sinds ik dat weet voel ik me toch wel schuldig over elke fijngestampte mier. En mijn angst is gegroeid. Wat nou als al die beestjes die ik vermoord heb een keer wraak op mij zullen nemen?
woensdag 7 juli 2010
Oma
Mijn oma is 92 en meer bij de pinken dan menig veertiger. Ze heeft inmiddels enkele kunstheup- en knieen, maar ze woont nog steeds zelfstandig. Met hulp van familie en de buren komt ze een heel eind.
Tijdens mijn studie heb ik een tijdje (om precies te zijn een maand) bij oma gewoond. Sindsdien hebben we een speciale band. Altijd geeft ze me door mij gevraagd advies: welk vriendje moet ik dumpen, hoe kun je nare dingen doorstaan en wat moet je doen om de mensen die je lief hebt te helpen. En dan nog de verhalen over vroeger natuurlijk. Al jaren neem ik me voor om die familieherinneringen op te schrijven. Verhalen over de verhuizing van een boerderij in Groningen naar de stad in het Westen, hoe ze mijn (overigens een paar jaar jongere!) opa heeft ontmoet, de oorlog en herinneringen die ze aan ons heeft. Tot nu toe heb ik nog geen letter op papier en dat neem ik mezelf kwalijk...
Gisteren was oma zoek en na een halve dag bellen bleek ze in het ziekenhuis te liggen: ondervoed en met een rare dikke voet. Gelukkig had mijn oom haar vóór de voetbalwedstrijd Nederland-Uruguay opgespoord, zodat hij nog net op tijd de tv kon installeren. Dankzij oma hebben de zusters op de afdeling het hele verloop van de wedstrijd meegekregen. Alleen aan háár bed durfden zij de vuvuzela's tevoorschijn te halen.
Vandaag ging ik samen met mijn moeder bij oma langs. Ik heb nare herinneringen aan dat ziekenhuis en het stinkt er zo, dat ik moeite moet doen om niet van mijn stokje te gaan. We hadden haar kamer net gevonden toen ze gehaald werd voor het maken van een röntgenfoto. Een broeder, wiens verschijning me bij de eerste aanblik al niet aanstond, tetterde in oma's oor op welke manier ze het beste in de rolstoel moest komen. Dan moet je mijn oma hebben. Die luistert daar echt niet naar, want ze weet zelf veel beter hoe dat moet. En ook gaf ze hem nog een terechte sneer dat hij haar zo lang had laten wachten en dat ze nu dus geen tijd meer had voor een foto. Ja, eigenwijze genen zijn aan beide zijden van mijn familie zeer sterk vertegenwoordigd.
Terug op de afdeling stak de hoofdzuster van wal. Eentje van de oude stempel: een potige dame met een grijze knot, die mijn oma vertelde dat ze maar eens moest denken aan een verzorgingstehuis. Ik kreeg een lichte zenuwinzinking. Het is natuurlijk geen vreemd idee, maar het druist tegen mijn gevoel in dat iemand haar vertelt wat goed voor haar is. Gelukkig is oma mijn oma en vertelde ze vrolijk dat ze al láng thuiszorg had geregeld ('Sinds een week.') en dat ze beschikte over mantelzorg ('Ja, de hulp van 75', aldus mijn moeder). Niks aan het handje dus! Over een paar weken huppelt ze wat haar betreft weer naar het toilet. Het zal haar misschien wat moeite kosten, maar ik weet dat ze het kan!
Tijdens mijn studie heb ik een tijdje (om precies te zijn een maand) bij oma gewoond. Sindsdien hebben we een speciale band. Altijd geeft ze me door mij gevraagd advies: welk vriendje moet ik dumpen, hoe kun je nare dingen doorstaan en wat moet je doen om de mensen die je lief hebt te helpen. En dan nog de verhalen over vroeger natuurlijk. Al jaren neem ik me voor om die familieherinneringen op te schrijven. Verhalen over de verhuizing van een boerderij in Groningen naar de stad in het Westen, hoe ze mijn (overigens een paar jaar jongere!) opa heeft ontmoet, de oorlog en herinneringen die ze aan ons heeft. Tot nu toe heb ik nog geen letter op papier en dat neem ik mezelf kwalijk...
Gisteren was oma zoek en na een halve dag bellen bleek ze in het ziekenhuis te liggen: ondervoed en met een rare dikke voet. Gelukkig had mijn oom haar vóór de voetbalwedstrijd Nederland-Uruguay opgespoord, zodat hij nog net op tijd de tv kon installeren. Dankzij oma hebben de zusters op de afdeling het hele verloop van de wedstrijd meegekregen. Alleen aan háár bed durfden zij de vuvuzela's tevoorschijn te halen.
Vandaag ging ik samen met mijn moeder bij oma langs. Ik heb nare herinneringen aan dat ziekenhuis en het stinkt er zo, dat ik moeite moet doen om niet van mijn stokje te gaan. We hadden haar kamer net gevonden toen ze gehaald werd voor het maken van een röntgenfoto. Een broeder, wiens verschijning me bij de eerste aanblik al niet aanstond, tetterde in oma's oor op welke manier ze het beste in de rolstoel moest komen. Dan moet je mijn oma hebben. Die luistert daar echt niet naar, want ze weet zelf veel beter hoe dat moet. En ook gaf ze hem nog een terechte sneer dat hij haar zo lang had laten wachten en dat ze nu dus geen tijd meer had voor een foto. Ja, eigenwijze genen zijn aan beide zijden van mijn familie zeer sterk vertegenwoordigd.
Terug op de afdeling stak de hoofdzuster van wal. Eentje van de oude stempel: een potige dame met een grijze knot, die mijn oma vertelde dat ze maar eens moest denken aan een verzorgingstehuis. Ik kreeg een lichte zenuwinzinking. Het is natuurlijk geen vreemd idee, maar het druist tegen mijn gevoel in dat iemand haar vertelt wat goed voor haar is. Gelukkig is oma mijn oma en vertelde ze vrolijk dat ze al láng thuiszorg had geregeld ('Sinds een week.') en dat ze beschikte over mantelzorg ('Ja, de hulp van 75', aldus mijn moeder). Niks aan het handje dus! Over een paar weken huppelt ze wat haar betreft weer naar het toilet. Het zal haar misschien wat moeite kosten, maar ik weet dat ze het kan!
woensdag 30 juni 2010
Tante
Zes jaar geleden werd ik voor het eerste tante. Toen kwam er nog een kindje, toen kwam er nog een kindje, toen kwam er nog een kindje en toen kwam er nog een kindje. Nu hebben mijn zussen bij elkaar vijf kindjes waar ik reuze trots op ben. Ze zijn allemaal even lief en vanaf het moment dat ik zo'n pas geboren frummeltje voor het eerst zag, hield ik er van. Een gek gevoel is dat. Hoe zou ik ooit van mijn eventuele toekomstige kinderen meer kunnen houden? Misschien vind ik die wel minder knap, vervelender, vermoeiender en minder grappig. Dat kan niet, he? Dat is wel slim van de natuur. Stel je voor dat je wilt ruilen met je zus, een vriendin of de buurvrouw, wiens kinderen tenminste al het huis uit zijn! Of dat ze op mij lijken. Dat wordt op den duur natuurlijk een grote chaos!
Ik zeg tegen alle kindjes dat als ze minimaal vijf zijn ze bij mij mogen logeren en dat we dan pannenkoeken gaan eten. Maar alleen met pannenkoeken eten ben je er niet, kom ik nu achter. Morgen is het dan zover: mijn oudste neefje komt voor de allereerste keer logeren. Aangezien ik wel in een heel gezellig, maar enigszins klein huisje woon, heb ik geen logeerplek voor hem. Dat wordt nog leuk: slapen naast een kleine snurkerd die het om half 7 vaak wel weer gezien heeft met slapen. Daarom heb ik een uitputtend schema opgesteld. We gaan 's avonds pannenkoeken eten en (tot lekker laat) naar de botenoptocht kijken. De volgende dag ontbijten, naar het strand, in de tuin spelen en dan voetbal kijken. Ik heb er heel veel zin in! Dit is namelijk het moment waar je als tante altijd op wacht, maar de verantwoordelijkheid drukt als een betonnen aardbol op mijn schouders. Heeft hij het wel naar z'n zin, valt hij niet uit bed, eet en drinkt hij wel genoeg, raak ik hem niet kwijt (het liefst bind ik hem aan me vast), wat nou als hij heimwee krijgt? Je wilt natuurlijk dat hij het een nog leuker vindt dan het andere! En dan nog een praktische zaak: wat moet ik in huis halen? Ik heb nooit eten en drinken op voorraad, behalve wijn en toastjes. Dat lijkt me typisch niet iets voor een kind van 6. Ik dacht zelf aan: appelsap, wit brood en aarbeien. In een la staat ergens nog wel hagelslag. Daar houden kinderen tegenwoordig toch nog wel van? Ach, het zal allemaal vast wel los lopen!
Over vier weken is de beurt aan mijn nichtje...
Ik zeg tegen alle kindjes dat als ze minimaal vijf zijn ze bij mij mogen logeren en dat we dan pannenkoeken gaan eten. Maar alleen met pannenkoeken eten ben je er niet, kom ik nu achter. Morgen is het dan zover: mijn oudste neefje komt voor de allereerste keer logeren. Aangezien ik wel in een heel gezellig, maar enigszins klein huisje woon, heb ik geen logeerplek voor hem. Dat wordt nog leuk: slapen naast een kleine snurkerd die het om half 7 vaak wel weer gezien heeft met slapen. Daarom heb ik een uitputtend schema opgesteld. We gaan 's avonds pannenkoeken eten en (tot lekker laat) naar de botenoptocht kijken. De volgende dag ontbijten, naar het strand, in de tuin spelen en dan voetbal kijken. Ik heb er heel veel zin in! Dit is namelijk het moment waar je als tante altijd op wacht, maar de verantwoordelijkheid drukt als een betonnen aardbol op mijn schouders. Heeft hij het wel naar z'n zin, valt hij niet uit bed, eet en drinkt hij wel genoeg, raak ik hem niet kwijt (het liefst bind ik hem aan me vast), wat nou als hij heimwee krijgt? Je wilt natuurlijk dat hij het een nog leuker vindt dan het andere! En dan nog een praktische zaak: wat moet ik in huis halen? Ik heb nooit eten en drinken op voorraad, behalve wijn en toastjes. Dat lijkt me typisch niet iets voor een kind van 6. Ik dacht zelf aan: appelsap, wit brood en aarbeien. In een la staat ergens nog wel hagelslag. Daar houden kinderen tegenwoordig toch nog wel van? Ach, het zal allemaal vast wel los lopen!
Over vier weken is de beurt aan mijn nichtje...
zondag 20 juni 2010
Elektrisch
Waarom gaan alle elektriche apparaten die ik aanraak kapot? Meerdere telefoon zijn onder mijn aanblik gestorven. Een USB-stick flipt in mijn bijzijn. Mijn auto heeft twaalf jaar als een zonnetje gereden, maar sinds ik hem heb is er steeds iets aan de hand. De TomTom zegt geen satellieten te herkennen. Mijn laptop slaat hoe langer hoe meer op tilt. CD's slaan over. De dvd-speler luistert niet meer naar de afstandsbediening. De slaapkamertelevisie doet het sowieso matig. En zelfs mijn waterkoker gaf laatst aan onder mijn toeziend oog niet mee te willen werken.
Het is maar goed dat ik geen electricien ben geworden...
Het is maar goed dat ik geen electricien ben geworden...
Liefde
Het is zo'n vreemd gegeven: het ene moment weet je alles van elkaar en het volgende moment ben je als vreemden. Je bent niet meer op de hoogte van wat hem bezig houdt, met wie hij een biertje aan het drinken is, wat hij vanavond gaat eten of wanneer hij zich niet lekker voelt. De eerste paar maanden vond ik dat om gek van te worden! Nu hoef ik helemaal niet meer weten wat hij doet. En dat terwijl ik hartstikke knettergek op hem was. Zo gaat dat dus: je komt na een tijdje over liefdesverdriet heen. Wat betekent liefde in dat licht dan nog?
Hoewel ik ervan overtuigd ben dat je verliefdheid kunt onderdrukken ben ik daar in het vrijgezellenleven niet zo goed in. Ik word gewoon snel verliefdig op van alles en nog wat, zolang het man is en jong. Loodgieter, Italiaan, voetballer, student. Als het aan mij lag was ik al veerig keer getrouwd. Met - zo blijkt dan na enige of kortere tijd - de niet meest passende echtgenoot.
Iedereen heeft wel een zwak, waardoor hij of zij terstond op iemand valt. Ik dacht altijd dat stille wateren diepe gronden hebben en dat ik de enige was die die gronden kon ontdekken. Daar deed ik dan enorm mijn best voor. Maar er zijn ochtenden geweest dat ik wakker werd en dacht:'Humm....het water is stil en bijzonder ondiep. Wat doe ik met deze gast?! Uitmaken!!' Todat ik tot zo'n ontdekking kom, kan er nogal wat tijd verstrijken. En voor je het weet ben je vier jaar verder en blijk je opeens 30 te zijn. Voor die poeltjes zwicht ik nu niet meer.
Misschien wordt het tijd om eens wat richting te geven aan mijn liefdesleven en te bedenken wat ik wil. Ik vrees echter dat ik op dit moment aan het zwichten ben voor een vier jaar jongere, intelligente, lekker ruikende, goed uitziende Europeaan. Als dit avontuur binnenkort, en eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat die kans vrij groot is, eindigt in een tweet 'alleen op de bank@home', dan heb ik één zekerheid: het gaat wel weer over!
Hoewel ik ervan overtuigd ben dat je verliefdheid kunt onderdrukken ben ik daar in het vrijgezellenleven niet zo goed in. Ik word gewoon snel verliefdig op van alles en nog wat, zolang het man is en jong. Loodgieter, Italiaan, voetballer, student. Als het aan mij lag was ik al veerig keer getrouwd. Met - zo blijkt dan na enige of kortere tijd - de niet meest passende echtgenoot.
Iedereen heeft wel een zwak, waardoor hij of zij terstond op iemand valt. Ik dacht altijd dat stille wateren diepe gronden hebben en dat ik de enige was die die gronden kon ontdekken. Daar deed ik dan enorm mijn best voor. Maar er zijn ochtenden geweest dat ik wakker werd en dacht:'Humm....het water is stil en bijzonder ondiep. Wat doe ik met deze gast?! Uitmaken!!' Todat ik tot zo'n ontdekking kom, kan er nogal wat tijd verstrijken. En voor je het weet ben je vier jaar verder en blijk je opeens 30 te zijn. Voor die poeltjes zwicht ik nu niet meer.
Misschien wordt het tijd om eens wat richting te geven aan mijn liefdesleven en te bedenken wat ik wil. Ik vrees echter dat ik op dit moment aan het zwichten ben voor een vier jaar jongere, intelligente, lekker ruikende, goed uitziende Europeaan. Als dit avontuur binnenkort, en eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat die kans vrij groot is, eindigt in een tweet 'alleen op de bank@home', dan heb ik één zekerheid: het gaat wel weer over!
zondag 13 juni 2010
Toeval
Gisterochtend stapte ik om half tien in de trein naar Amsterdam. Ik zat tegenover een ouder stel. Een mevrouw met een zure mond en een meneer met een grote bril en een tas die hij had gekregen bij een conferentie over neurologie in 1997. Om half vijf pakte ik de trein terug naar huis. Ik keek om mij heen en dezelfde dame en heer zaten schuin tegenover mij.
Een tijdje geleden ging ik naar Haarlem. Het verliefde koppeltje dat naast mij zat, dronk een paar uur later een biertje op hetzelfde terras als ik.
Vrijdagavond liep ik met mijn collega naar een willekeurige kroeg en op dat moment stapte De Bril naar buiten, omdat hij werd gebeld.
Ik ken een meneer, niet omdat ik hem ken, maar omdat ik hem al tien jaar overal tegen kom. Niet alleen in mijn woonplaats, maar ook in andere steden. Ik heb de neiging om hem gedag te zeggen, maar ik denk niet dat hij mij kent 'van het tegen komen'.
Er is een sukkel, die ik nog uit mijn studententijd ken. Hem kom ik vaak tegen (en helaas begint hij altijd tegen mij te praten), meestal wanneer ik mijn tennisracket bij me heb.
Mijn ex-vriendjes kom ik nooit tegen, terwijl ze in de buurt wonen, boodschappen doen bij dezelfde supermarkt en in dezelfde kroegen komen als ik. Nee, een keer fietste ik een van hen bijna van de sokken. Dat was een dag nadat ik tegen een vriendin had gezegd dat ik hem niet meer gezien had sinds ik het zes jaar geleden uit had gemaakt.
Waar slaat dit op?
Een tijdje geleden ging ik naar Haarlem. Het verliefde koppeltje dat naast mij zat, dronk een paar uur later een biertje op hetzelfde terras als ik.
Vrijdagavond liep ik met mijn collega naar een willekeurige kroeg en op dat moment stapte De Bril naar buiten, omdat hij werd gebeld.
Ik ken een meneer, niet omdat ik hem ken, maar omdat ik hem al tien jaar overal tegen kom. Niet alleen in mijn woonplaats, maar ook in andere steden. Ik heb de neiging om hem gedag te zeggen, maar ik denk niet dat hij mij kent 'van het tegen komen'.
Er is een sukkel, die ik nog uit mijn studententijd ken. Hem kom ik vaak tegen (en helaas begint hij altijd tegen mij te praten), meestal wanneer ik mijn tennisracket bij me heb.
Mijn ex-vriendjes kom ik nooit tegen, terwijl ze in de buurt wonen, boodschappen doen bij dezelfde supermarkt en in dezelfde kroegen komen als ik. Nee, een keer fietste ik een van hen bijna van de sokken. Dat was een dag nadat ik tegen een vriendin had gezegd dat ik hem niet meer gezien had sinds ik het zes jaar geleden uit had gemaakt.
Waar slaat dit op?
zaterdag 5 juni 2010
Incognito
Afgelopen vrijdag voelde aan als zomer! De zon scheen zo hard als zij kon, om de vorige middelmatige dagen maar in te halen. Echt een dag om vrij te zijn en naar het strand te fietsen. Daar had ik zin in! Maar helaas, ik had andere verplichtingen in de werksfeer, die mij dwongen de ganse dag binnen te zitten. Mijmerend onderging ik de activiteiten, die van mij verwacht werden, namelijk: stil zitten en luisteren. (Geloof me, voor mij is dat een opgave!) Eenmaal buiten zat ik met mijn gedachten bij romantische momenten uit het verleden. Daar vroeg het weer blijkbaar om. Met mijn zonnebril op liep ik half dromend en in cognito naar het station. Plotseling werd mijn stream of consciousness ruw verstoord, doordat iemand mij aantikte. Dat overkomt mij wel vaker, omdat ik bekenden straal voorbij kan lopen. Maar deze jongen kende ik niet. Hij zag er niet uit als een Straatkrantverkoper, noch als een junk, die geld van me wilde. Onzeker keek hij me aan en ik merkte op dat zijn onderlip licht nerveus trilde. Hij zei dat het misschien vreemd en brutaal was, maar hij zat op het terras met een vriendin en zag mij lopen. Hij moest van zichzelf achter mij aan rennen, om erachter te komen wie ik was. Als hij dat niet zou doen, zou hij daar de rest van de dag spijt van hebben. Jeetje... Ik zette mijn zonnebril af en zei dat ik dat bijzonder stoer van hem vond. Hoe vaak had ik zoiets zelf niet willen doen? Maar nooit ben ik verder gekomen dan iemand onverstaanbaar en zacht naroepen dat hij zijn NRC Next - waar ik snel mijn naam op had geschreven - was vergeten. De jongen vroeg om mijn telefoonnummer, maar in plaats daarvan heb ik het webadres van deze blog genoemd, met de opmerking dat hij een reactie kan plaatsen. Of dat het beste is wat ik had kunnen doen, weet ik niet. Ik voelde me door zijn actie in elk geval enorm gevleid! En het is fijn om te weten: dit soort dingen gebeuren dus nog echt!
dinsdag 1 juni 2010
WC
De beste ideeen krijg je op de wc. Wanneer je niet weet wat voor kadootje je nu weer moet kopen voor oma, een kortstondige writers block hebt, of je afvraagt wat je in hemelsnaam voor dat etentje moet klaar maken, dan is mijn tip: breng een bezoekje aan het toilet. Je hoeft niet lang op de pot te zitten, een plasje is vaak al voldoende. Dit zijn van die tips die iemand je moet geven, want zelf kom je er niet op. Ik heb hem van mijn zus.
Nu we het toch over wc's hebben: ik vraag me al jaren af, zij het niet decennia, waarom mannen altijd zo enorm lang op de wc zitten. Een plas is zo gedaan, maar ik heb het over dat andere. Vaak gaan ze dan ook lezen. En meestal geen goed boek, maar pulp (denk aan het reclamekrantje van de Blokker, ANWB-tijdschrift, plaatselijke suffertje). Op mijn werk zag ik zelfs een collega ongegeneerd een pak werk mee naar de plee nemen. Sorry, maar dat vind ik vies! Is er voor de lange zit een biologische verklaring, die ik niet ken? Of is het poephalfuurtje een taboe? Wanneer je het antwoord weet, kun je het in onderstaand reactievakje laten weten. Ik denk niet dat er wordt gebroed op een goed idee. Of zou Bert van Marwijk op het kleinste kamertje hebben gezeten, voordat hij de rugnummers aan het Nederlands elftal uitdeelde?
Nu we het toch over wc's hebben: ik vraag me al jaren af, zij het niet decennia, waarom mannen altijd zo enorm lang op de wc zitten. Een plas is zo gedaan, maar ik heb het over dat andere. Vaak gaan ze dan ook lezen. En meestal geen goed boek, maar pulp (denk aan het reclamekrantje van de Blokker, ANWB-tijdschrift, plaatselijke suffertje). Op mijn werk zag ik zelfs een collega ongegeneerd een pak werk mee naar de plee nemen. Sorry, maar dat vind ik vies! Is er voor de lange zit een biologische verklaring, die ik niet ken? Of is het poephalfuurtje een taboe? Wanneer je het antwoord weet, kun je het in onderstaand reactievakje laten weten. Ik denk niet dat er wordt gebroed op een goed idee. Of zou Bert van Marwijk op het kleinste kamertje hebben gezeten, voordat hij de rugnummers aan het Nederlands elftal uitdeelde?
zaterdag 29 mei 2010
Sociaal
Kun je je nog herinneren dat je met iemand wilde afspreken en dat je maar moest hopen dat diegene thuis was? Of dat je gewelddadig werd naar je huisgenoot, omdat ze al een half uur de lijn bezet hield, terwijl 'een zeker iemand' zou kunnen bellen? Tien jaar geleden kreeg ik mijn eerste mobieltje. Prepaid. Sms-en kon je er nog niet mee. Alleen even naar huis bellen om vervolgens terug gebeld te willen worden. Nu heb ik een smartphone aangeschaft. Een nifty dingetje dat slimmer is dan ik. Het weet altijd de weg, laat zien wat voor weer het is (mocht je bijvoorbeeld opgesloten zitten in een kast en dus geen mogelijkheid hebben om naar buiten te kijken), zegt me hoe het liedje heet dat ik op de radio hoor en...het zit volgepropt met Social Media! Je wordt dood gegooid met tweets, krabbeltjes, berichten en uitnodigingen. Ik heb me er lange tijd tegen verzet, maar nu ben ik me dan toch gaan verdiepen in dit fenomeen. En even tussen ons, ik snap er soms echt geen bal van! Maar als ik er nu niets mee doe, dan loop ik straks helemaal hopeloos achter. Ik ging op internet op zoek naar artikeltjes als: Hoe te twitteren en Facebook voor dummies. Ik vond deze simpele handleiding: 'Twitteren kun je niet leren, het is een kwestie van doen.' Daar heb ik weinig aan. Wat betekent nou '#', retweeten en taggen? Laat ook maar zitten... Ik ga even buiten in de zon lunchen met mijn ex. In real life!
dinsdag 18 mei 2010
Giro (2)
Gesprekje met mijn nichtje van 4:
'Pien, weet je?'
'Nou?'
'Ik heb naar echte wielrenners gekeken!'
'Jeetje, en vond je dat leuk?'
'Ja, heel leuk!'
'En ga je nu ook fietsen?'
'Nee, ik moet van mama mijn toetje opeten.'
'Pien, weet je?'
'Nou?'
'Ik heb naar echte wielrenners gekeken!'
'Jeetje, en vond je dat leuk?'
'Ja, heel leuk!'
'En ga je nu ook fietsen?'
'Nee, ik moet van mama mijn toetje opeten.'
zaterdag 15 mei 2010
Flirtcoach (vervolg)
Inmiddels had ik niets meer gehoord van De Bril. Licht teleurgesteld verwerkte ik dit feit. Ik wist dat hij in nogal wat liefdesperikelen betrokken was en ook was ik niet enorm onder de indruk van hem, maar het zou toch leuk zijn wanneer...he?
Situatieschets 1: Ik was naar de film geweest en fietste naar huis. Toen ik de bocht in reed moest ik uitwijken, want ik reed bijna tegen twee andere fietsers aan. Nog wat traag van begrip vanwege mijn kater realiseerde ik me een seconde te laat dat het De Bril was! Het was donker en hij keek me ook wat appelig aan. Maar dit was toch raar? Hij reed door en ik ook. Ik verwachtte toen toch nog wel een smsje ofzo, maar nee. Niets.
Situatieschets 2: Gisteravond ging ik op tijd naar bed. Om half een werd ik wakker gebeld door een onbekend nummer. Ik nam op, maar hoorde alleen geruis. Nog een keer ging de telefoon over en weer hoorde ik niets. Natuurlijk was dit De Bril. Wie anders belt mij, zonder dat ik zijn of haar nummer heb? Dus ik belde terug en vroeg:'Met wie spreek ik?' Daar kreeg ik geen antwoord op, maar hij herhaalde mijn naam. En welke bekende noemt mij nou bij mijn hele echte, uitgebreide naam? 'De Bril' gaf aan dat hij mij niet bewust had gebeld. Ik zei dat het niet gaf en wenste hem een fijne avond. Een raar, kort gesprek. Ik smste hem maar even. Nu had ik toch zijn nummer! Vreemd verhaal, maar...we hadden contact! Even later ontving ik een smsje terug. Spannend! Ik opende het bericht.
Huh...huh???? Aaargh! Dit was niet De Bril!!
Ik had mijn neefje uit de andere kant van het land aan de telefoon gehad en erger nog...had hem gesmst als ware hij De Bril!
Vraagje: wat zou Freud hiervan zeggen?
Situatieschets 1: Ik was naar de film geweest en fietste naar huis. Toen ik de bocht in reed moest ik uitwijken, want ik reed bijna tegen twee andere fietsers aan. Nog wat traag van begrip vanwege mijn kater realiseerde ik me een seconde te laat dat het De Bril was! Het was donker en hij keek me ook wat appelig aan. Maar dit was toch raar? Hij reed door en ik ook. Ik verwachtte toen toch nog wel een smsje ofzo, maar nee. Niets.
Situatieschets 2: Gisteravond ging ik op tijd naar bed. Om half een werd ik wakker gebeld door een onbekend nummer. Ik nam op, maar hoorde alleen geruis. Nog een keer ging de telefoon over en weer hoorde ik niets. Natuurlijk was dit De Bril. Wie anders belt mij, zonder dat ik zijn of haar nummer heb? Dus ik belde terug en vroeg:'Met wie spreek ik?' Daar kreeg ik geen antwoord op, maar hij herhaalde mijn naam. En welke bekende noemt mij nou bij mijn hele echte, uitgebreide naam? 'De Bril' gaf aan dat hij mij niet bewust had gebeld. Ik zei dat het niet gaf en wenste hem een fijne avond. Een raar, kort gesprek. Ik smste hem maar even. Nu had ik toch zijn nummer! Vreemd verhaal, maar...we hadden contact! Even later ontving ik een smsje terug. Spannend! Ik opende het bericht.
Huh...huh???? Aaargh! Dit was niet De Bril!!
Ik had mijn neefje uit de andere kant van het land aan de telefoon gehad en erger nog...had hem gesmst als ware hij De Bril!
Vraagje: wat zou Freud hiervan zeggen?
Flirtcoach (1)
Woensdagavond ging ik even wat drinken in de stad met vriendin A. en vriend S. Dat leek ons een goed idee, omdat we toch vrij waren de volgende dag (Hemelvaart). Zo dachten meer mensen, want het was gezellig druk in de kroeg. Een uitermate geschikte avond om het programma 'Schaak een man' in werking te stellen. Deze cursus is speciaal voor mij ontwikkeld door mijn twee aanwezige vrienden en gericht op het langer behouden van een man. Na het bestuderen van de theorie - stroomschema incluis - zou ik die avond ook de praktijk in werking moeten stellen. Mijn twee cursusleiders waren behoorlijk streng, maar zeer kundig op dit vakgebied en ik besloot dan ook niet eigenwijs te zijn en alles op te volgen wat zij zeiden. Dat betekende dat ik:
- niet met ultraknappe (volgens anderen ook wel gladde) mannen mocht flirten;
- niet naar iemand mocht staren;
- een beetje hard to get moest zijn;
- me niet met iemand van onder de 28 mocht inlaten.
Als ik het alleaal goed begrepen heb tenminste...
Mijn vriendin koos de personen uit (omdat ik anders toch weer uit zou komen bij de knapperd c.q. gladjanus van 21).
Man nr. 1 was in mij geinteresseerd, maar ik niet in hem.
Man nr. 2 had een vriendin.
Man nr. 3 was leuk en stond aan de bar, dus ik moest bier halen. Ik belandde in zijn vriendengroep, kletste wat, grapte wat, flirtte wat. Mijn coaches mengden zich in de groep om research te doen. Na een tijdje bleek dat deze uitermate leuke jongen nog maar 25 was en een vriendin in Australie heeft. Zoals wel vaker zag ik ook dit keer het probleem niet, maar hij werd dus jammer genoeg wel afgeschreven. Nu moest ik met zijn vriend - De Bril - integreren, die wat ouder was, minder slick en interessanter. Inmiddels waren we zoveel biertjes verder dat het goede gesprek niet helemaal meer van de grond kwam... Ik heb mijn telefoonnummer aan hem gegeven en toen was het afwachten...
- niet met ultraknappe (volgens anderen ook wel gladde) mannen mocht flirten;
- niet naar iemand mocht staren;
- een beetje hard to get moest zijn;
- me niet met iemand van onder de 28 mocht inlaten.
Als ik het alleaal goed begrepen heb tenminste...
Mijn vriendin koos de personen uit (omdat ik anders toch weer uit zou komen bij de knapperd c.q. gladjanus van 21).
Man nr. 1 was in mij geinteresseerd, maar ik niet in hem.
Man nr. 2 had een vriendin.
Man nr. 3 was leuk en stond aan de bar, dus ik moest bier halen. Ik belandde in zijn vriendengroep, kletste wat, grapte wat, flirtte wat. Mijn coaches mengden zich in de groep om research te doen. Na een tijdje bleek dat deze uitermate leuke jongen nog maar 25 was en een vriendin in Australie heeft. Zoals wel vaker zag ik ook dit keer het probleem niet, maar hij werd dus jammer genoeg wel afgeschreven. Nu moest ik met zijn vriend - De Bril - integreren, die wat ouder was, minder slick en interessanter. Inmiddels waren we zoveel biertjes verder dat het goede gesprek niet helemaal meer van de grond kwam... Ik heb mijn telefoonnummer aan hem gegeven en toen was het afwachten...
maandag 10 mei 2010
Giro
De Giro d'Italia is begonnen. In Nederland nog wel! Wanneer de wielrenners weer op de fiets stappen, is de zomer in zicht. Zo is mijn motto. Vorig jaar heb ik me tijdens de Tour de France voor het eerst verdiept in wielrennen. Dat wil zeggen dat ik de verschillende truien en hun betekenis uit mijn hoofd heb geleerd. Ook snapte ik echt even iets van alle verschillende soorten ritten en bergen. Helaas is met het uitgaan van mijn relatie ook mijn kennis verdwenen. De enige naam die ik me nog kan herinneren is Kenny van Hummel. De iets te dikke Brabander, die elke dag als laatste aankwam. Ik had enorm veel sympathie voor hem. Helaas mag hij dit jaar (en vraag me niet waarom) niet mee doen.
Vandaag kwam de Giro door mijn woonplaats, het prachtige stadje L. Volgens de brief van de gemeente zouden de renners 'rond het middaguur' langsracen. Maar hoe laat is 'het middaguur'? Voor de zekerheid ging ik om half 11 alvast de straat op. Ik vond een plantenbak waar ik op kon zitten en zette de wacht in. Al gauw kwam er een dame naast mij staan, die anderhalf uur tegen me aan heeft lopen kletsen. En of ik ook even foto's wilde maken van de fietsers, zodat ze haar man kon bewijzen dat ze hier was en daarom zo laat thuis kwam van haar werk. Na een tijdje kwam er een leuke jongen achter ons staan. Ik zou graag met hem praten, maar de dame bleef maar kletsen en ik kon eigenlijk ook niets interessants bedenken.
Eindelijk kwamen de eerste auto's met daar achter twee mannen van de Raboploeg langs. Inmiddels was de leuke jongen achter mij ook de dame opgevallen. 'Wat een leuke uitstraling heeft hij, he? En wat een mooie ogen!' Ze zei het wat mij betreft iets te hard... Na een kwartier kwamen de volgende peletons nog niet langs. Ik greep mijn kans en vroeg de jongen: 'Waarom waren die wielrenners van de Raboploeg als eerste?' 'Nou', antwoordde de jongen 'omdat ze net even wat harder fietsen dan de rest, he?' Oh... Hoe kom ik ook op zo'n domme opmerking?! Direct daarna kwamen de anderen langsfietsen en toen ik om keek was de jongen weg...
Vandaag kwam de Giro door mijn woonplaats, het prachtige stadje L. Volgens de brief van de gemeente zouden de renners 'rond het middaguur' langsracen. Maar hoe laat is 'het middaguur'? Voor de zekerheid ging ik om half 11 alvast de straat op. Ik vond een plantenbak waar ik op kon zitten en zette de wacht in. Al gauw kwam er een dame naast mij staan, die anderhalf uur tegen me aan heeft lopen kletsen. En of ik ook even foto's wilde maken van de fietsers, zodat ze haar man kon bewijzen dat ze hier was en daarom zo laat thuis kwam van haar werk. Na een tijdje kwam er een leuke jongen achter ons staan. Ik zou graag met hem praten, maar de dame bleef maar kletsen en ik kon eigenlijk ook niets interessants bedenken.
Eindelijk kwamen de eerste auto's met daar achter twee mannen van de Raboploeg langs. Inmiddels was de leuke jongen achter mij ook de dame opgevallen. 'Wat een leuke uitstraling heeft hij, he? En wat een mooie ogen!' Ze zei het wat mij betreft iets te hard... Na een kwartier kwamen de volgende peletons nog niet langs. Ik greep mijn kans en vroeg de jongen: 'Waarom waren die wielrenners van de Raboploeg als eerste?' 'Nou', antwoordde de jongen 'omdat ze net even wat harder fietsen dan de rest, he?' Oh... Hoe kom ik ook op zo'n domme opmerking?! Direct daarna kwamen de anderen langsfietsen en toen ik om keek was de jongen weg...
vrijdag 7 mei 2010
Krokodil
Mijn hele leven ben ik al dol op lezen. Het eerste boek dat ik zelfstandig las was 'De kinderen van Bolderburen' van Astrid Lindgren. Ik was toen 5 jaar en had van mijn zussen leren lezen. Een van de dingen waar ik ze erg dankbaar voor ben! Mijn ene zus vond het hoogst irritant dat ik altijd alles hardop zat te lezen. Waarschijnlijk vond de rest van de familie dit ook een petit peu annoying, maar zij was de enige die er actief iets aan wilde doen. In de auto zei ze eens: 'Ssst..!! Lees nou eens in jezelf!' Hoe kan een kleuter nou weten wat 'in jezelf lezen is'?! Uitleg: 'Hardop, maar dan met je mond dicht.'
Op dit moment ben ik in verschillende boeken bezig, waarvan ik er eentje wil aanraden. 'Krokodil van de aanslagen', geschreven door Assaf Gravon. Het ene verhaal gaat over een Israelische yup uit Tel Aviv, Etan Enoch, die de bijnaam Krokodil heeft. Hij overleeft drie aanslagen. De andere verhaallijn gaat over een Palestijnse jongen, Fahmi, die in coma ligt en zich bezig hield met het plegen van aanslagen, onder andere op Krokdil. Een goede recensie kun je vinden op http://www.liberales.be/boeken/gavron
De vraag is natuurlijk altijd of een boek dat door een Israelier geschreven is niet sowieso vol vooroordelen zit en de schrijver de Palestijnen hoe dan ook in een zwart daglicht zet. Simpelweg, omdat hij niet anders kan en weet. In mijn beleving probeert Gravon echter zo objectief mogelijk te beschrijven wat er aan de hand is in de hoofden van de bewoners van Israel. Boeiend en leerzaam, maar daarnaast - en daarom de aanrader - is het boek ook enorm geestig. Hup, naar de boekhandel en kopen dus!
Op dit moment ben ik in verschillende boeken bezig, waarvan ik er eentje wil aanraden. 'Krokodil van de aanslagen', geschreven door Assaf Gravon. Het ene verhaal gaat over een Israelische yup uit Tel Aviv, Etan Enoch, die de bijnaam Krokodil heeft. Hij overleeft drie aanslagen. De andere verhaallijn gaat over een Palestijnse jongen, Fahmi, die in coma ligt en zich bezig hield met het plegen van aanslagen, onder andere op Krokdil. Een goede recensie kun je vinden op http://www.liberales.be/boeken/gavron
De vraag is natuurlijk altijd of een boek dat door een Israelier geschreven is niet sowieso vol vooroordelen zit en de schrijver de Palestijnen hoe dan ook in een zwart daglicht zet. Simpelweg, omdat hij niet anders kan en weet. In mijn beleving probeert Gravon echter zo objectief mogelijk te beschrijven wat er aan de hand is in de hoofden van de bewoners van Israel. Boeiend en leerzaam, maar daarnaast - en daarom de aanrader - is het boek ook enorm geestig. Hup, naar de boekhandel en kopen dus!
woensdag 28 april 2010
Auto (3)
Zoals ik al eerder heb verteld heb ik een paar maanden geleden een grote nieuwe aankoop gedaan: een auto! Een Nissan Micra, automaat, 1.0. Rood. Ook wel genoemd: Tomaat. Naast de aanschaf van een normale (vrouwen)verzekering ben ik ook lid geworden van de ANWB. Inmiddels heb ik al een innige band opgebouwd met deze bijzonder vriendelijke mensen. Misschien daarom ook heb ik ze vandaag weer gebeld. Vorige week stapte ik in mijn tomaat om naar Den Haag te rijden. Maar hij startte (weer) niet. Na het vorige bezoek van de rijdende hulpservice trok ik nu snel mijn conclusie: de accu was weer leeg en er moet nu beslist een nieuwe in! Op mijn werk dacht men dat het zelfs wel de dynamo zou kunnen zijn. Hartstikke duur om die te laten maken!
Aangezien ik vorige week even geen tijd had om te wachten, heb ik gevraagd of ze me vanmiddag konden komen helpen. Geen probleem! Tussen vier en vijf zouden ze er zijn. En inderdaad, om half 5 belde meneer Richard van de ANWB dat hij er bijna was. Motorkap open, starten... 'Dat ligt niet aan uw accu. Er moet iets mis zijn met uw startmotor!' Zaklamp en hamer (?) erbij. 'Mevrouw, mag ik even in uw auto kijken?' Natuurlijk mag dat! 'U heeft een automaat.' Ja, inderdaad. 'Als we hem nou evenvan de D-stand in de P-stand zetten? En nog eens gaan starten?' ....ahum...aii...!
Vrouwen zijn al jaren lang bezig met het ontkrachten van alle vooroordelen, die mannen hebben over vrouwelijke bestuurders. Ik weet dat in een keer om zeep te helpen. Zonder enige moeite!
Meneer Richard had als commentaar:'Ach, dan heb ik ook eens een lolletje! Enneh...vertel dit maar niet op verjaardagen! En als je het vertelt, zeg dan maar dat het om je buurman ging!'
Dat zal ik zeker doen!
Aangezien ik vorige week even geen tijd had om te wachten, heb ik gevraagd of ze me vanmiddag konden komen helpen. Geen probleem! Tussen vier en vijf zouden ze er zijn. En inderdaad, om half 5 belde meneer Richard van de ANWB dat hij er bijna was. Motorkap open, starten... 'Dat ligt niet aan uw accu. Er moet iets mis zijn met uw startmotor!' Zaklamp en hamer (?) erbij. 'Mevrouw, mag ik even in uw auto kijken?' Natuurlijk mag dat! 'U heeft een automaat.' Ja, inderdaad. 'Als we hem nou evenvan de D-stand in de P-stand zetten? En nog eens gaan starten?' ....ahum...aii...!
Vrouwen zijn al jaren lang bezig met het ontkrachten van alle vooroordelen, die mannen hebben over vrouwelijke bestuurders. Ik weet dat in een keer om zeep te helpen. Zonder enige moeite!
Meneer Richard had als commentaar:'Ach, dan heb ik ook eens een lolletje! Enneh...vertel dit maar niet op verjaardagen! En als je het vertelt, zeg dan maar dat het om je buurman ging!'
Dat zal ik zeker doen!
dinsdag 27 april 2010
Test
Er is sprake van een cumulatieve afname in het aantal blogs dat ik heb geschreven tussen januari en april. Ik kan dat herkennen, omdat ik vorige week een assessment heb gedaan.
Een assesment houdt in dat je een gesprek voert, een presentatie geeft, doorgezaagd wordt, computertests doet en drie lijsten met 300 vragen invult. Je moet steeds aangeven welke stelling het beste bij je past.
Voorbeeld 1:
a) Ik kijk op tegen belangrijke mensen.
b) Arme mensen zijn zielig.
Voorbeeld 2:
a) Ik zou graag leiding willen geven.
b) Mijn bureau ruim ik tussentijds op.
Bij elke stelling had ik wel een mits of een maar. Wat is belangrijk? Hoe komt het dat die mensen arm zijn geworden? Ik zou graag leiding willen geven, maar niet nú. Ik ruim mijn bureau één keer per maand op. Is dat tussentijds?
Maar er is geen plaats voor mitsen en maaren in een persoonlijkheidstest.
Een ander onderdeel van het assessment is het maken van een IQ-test. Zo wordt dat natuurlijk niet genoemd, want van het woord 'IQ' raken mensen bij voorbaat al in de stress (overigens ook een karaktereigenschap!) Maar het is wél een intelligentietest!
Dus ik raakte in de stress.
Zo'n IQ-test bestaat namelijk voor een groot deel uit figuren en reeksen. Veel van mijn eigenschappen zijn te bediscussiëren, maar dat ik geen ruimtelijk inzicht heb en slecht ben met cijfers en/of getallen - wat is het verschil? - staat als een paal boven water. Ik heb dan ook soms tien minuten naar het scherm zitten staren, om vervolgens een geheel willekeurige keuze te maken. Blijkbaar ligt daar mijn kracht! Mijn wiskundige inzicht blijkt namelijk net zo groot te zijn als mijn taalvaardigheid. Ik heb in die hele test geen woord gezien?!
Kortom, ik zit nu met een karig rapport van 3 pagina's. Naar aanleiding van de test heb ik zelf ook een conclusie getrokken: ik moet meer blogs schrijven!
Een assesment houdt in dat je een gesprek voert, een presentatie geeft, doorgezaagd wordt, computertests doet en drie lijsten met 300 vragen invult. Je moet steeds aangeven welke stelling het beste bij je past.
Voorbeeld 1:
a) Ik kijk op tegen belangrijke mensen.
b) Arme mensen zijn zielig.
Voorbeeld 2:
a) Ik zou graag leiding willen geven.
b) Mijn bureau ruim ik tussentijds op.
Bij elke stelling had ik wel een mits of een maar. Wat is belangrijk? Hoe komt het dat die mensen arm zijn geworden? Ik zou graag leiding willen geven, maar niet nú. Ik ruim mijn bureau één keer per maand op. Is dat tussentijds?
Maar er is geen plaats voor mitsen en maaren in een persoonlijkheidstest.
Een ander onderdeel van het assessment is het maken van een IQ-test. Zo wordt dat natuurlijk niet genoemd, want van het woord 'IQ' raken mensen bij voorbaat al in de stress (overigens ook een karaktereigenschap!) Maar het is wél een intelligentietest!
Dus ik raakte in de stress.
Zo'n IQ-test bestaat namelijk voor een groot deel uit figuren en reeksen. Veel van mijn eigenschappen zijn te bediscussiëren, maar dat ik geen ruimtelijk inzicht heb en slecht ben met cijfers en/of getallen - wat is het verschil? - staat als een paal boven water. Ik heb dan ook soms tien minuten naar het scherm zitten staren, om vervolgens een geheel willekeurige keuze te maken. Blijkbaar ligt daar mijn kracht! Mijn wiskundige inzicht blijkt namelijk net zo groot te zijn als mijn taalvaardigheid. Ik heb in die hele test geen woord gezien?!
Kortom, ik zit nu met een karig rapport van 3 pagina's. Naar aanleiding van de test heb ik zelf ook een conclusie getrokken: ik moet meer blogs schrijven!
woensdag 31 maart 2010
Oog
Al sinds ik mij kan heugen bestaat het radioprogramma 'Met het oog op morgen'. Dat klopt ook wel, want de eerste aflevering van dit radioprogramma werd begin januari 1975 gemaakt. Ik ben er dus mee opgegroeid. Elke keer wanneer ik de begintune hoor, moet ik denken aan de zomervakanties op de boot. Terwijl mijn ouders en zussen lekker wat dronken en pinda's zaten te eten, lag ik in bed. Dat vond ik bijzonder oneerlijk. Waarom kwamen de lekkere dingen altijd pas op tafel als ik in bed lag?! Op een zeilboot is er over het algemeen geen sprake van veel ruimte en tussen de 'punt' (de hut waar ik geacht werd te slapen) en de rest van de kajuit zat als enige scheiding een gordijntje. Ik bleef wakker om te luisteren waar de reat van gezin besprak en wie er won met Yatzee. Tegen de tijd dat iedereen eindelijk in bed lag, luisterden we naar 'Het Oog'. Gute Nacht Freunde, es wird Zeit fur mich zu gehen. Was ich noch zu sagen hatte, dauert einde Zigarette und ein letztes Glas im Steeeeehen... Dit is Met het Oog op Morgen, met een overzicht van de actualiteiten van radio en tv, de krant van morgen, Den Haag vandaag en de ontwikkelingen en achtergronden van het nieuws. Buiten is het 12 graden, binnen zit...Joop van Zijl. En dan sliep ik...
Nog steeds luister ik (en de rest van mijn familie volgens mij ook) voor het slapen gaan naar radio 1.
Maandagavond zat ik opeens rechtop in mijn bed. Joris Luijendijk - nieuw als presentator nota bene - vroeg de luisteraars een nieuwe begintune te kiezen. WAT?? Deze zou dan donderdag in gaan. Het liedje van Reinhard Mey werd nu toch wat ouderwets. Nee!!! Niet waar! Weet je wel hoeveel nostalgie aan dit liedje vast zit! In gedachte schreef ik al protestspam, had een handtekeningenactie opgezet en stelde een brief op naar de premier (als Lingo mag blijven...). Toch het hoofd koel gehouden en nagedacht.
Donderdag...
Dan is het 1 april.
Zucht... Nog nooit zo'n slechte grap gehoord!
Nog steeds luister ik (en de rest van mijn familie volgens mij ook) voor het slapen gaan naar radio 1.
Maandagavond zat ik opeens rechtop in mijn bed. Joris Luijendijk - nieuw als presentator nota bene - vroeg de luisteraars een nieuwe begintune te kiezen. WAT?? Deze zou dan donderdag in gaan. Het liedje van Reinhard Mey werd nu toch wat ouderwets. Nee!!! Niet waar! Weet je wel hoeveel nostalgie aan dit liedje vast zit! In gedachte schreef ik al protestspam, had een handtekeningenactie opgezet en stelde een brief op naar de premier (als Lingo mag blijven...). Toch het hoofd koel gehouden en nagedacht.
Donderdag...
Dan is het 1 april.
Zucht... Nog nooit zo'n slechte grap gehoord!
zondag 28 maart 2010
Zomerschoenen
Nu de lente echt is aangebroken en het weer steeds mooier wordt, moeten we weer zomerschoenen aanschaffen. De comfortabele laarzen ruilen we noodgedwongen in voor krapzittende, knellende, behakte, blarenopwekkende, maar elegente zomerschoentjes. Schoeisel van het vorige seizoen zat tegen de herfst eindelijk lekker, maar is nu versleten of stinkt. Waarschijnlijk vanwege een feestje, waarbij de combinatie van bier en zweetvoeten de schoen geen goed deden. Dus strompelen we maar weer door het huis om onze nieuwe aanwinst in te lopen, zodat de schade straks enigszins beperkt zal blijven.
Ik wens alle dames van Nederland sterkte de komende maanden. Om het vol te houden moet je dit goed voor ogen houden: je ziet er weer top uit uit deze zomer!!
Ik wens alle dames van Nederland sterkte de komende maanden. Om het vol te houden moet je dit goed voor ogen houden: je ziet er weer top uit uit deze zomer!!
zondag 21 maart 2010
Auto (2)
Zondagmiddag stap ik goedgemutst mijn autootje in. Het lentezonnetje schijnt vrolijk door de ruiten heen. Op naar Den Haag! Ik start de auto. Nog een keer...starten...starten...starten!!! Lichte paniek neemt vat op mij. Gelukkig heb ik een opgeladen mobieltje bij me en ben ik lid van de ANWB. (Hoewel ik voor mijn huis stond, was mijn mobiel erg handig, want zo kon mijn vader mij vertellen wat er wel en niet moest branden enzo. Conclusie: accu leeg).
TIP 1: laad altijd je mobiel op voordat je de auto instapt!
Vanaf nu heb ik ook woonplaatsservice van de ANWB. Blijkt toch handig te zijn. De vriendelijke ANWB-meneer wees mij er fijntjes op dat een Japanse mini-accu leeg loopt, wanneer je alleen maar op en neer naar de tennisbaan rijdt. Oh. Dat wordt dus weer fietsen.
TIP 2: koop geen auto van een oud vrouwtje dat er alleen maar boodschappen mee deed!
Met een opgeladen accu kon ik toch nog vertrekken en twee uur te laat kwam ik aan op het feest. Kon ik die storende radio eindelijk uit doen.
TIP 3: stel je radio opnieuw in wanneer de spanning weg is gevallen. Dat voorkomt een ritje ruis.
Na een gezellige dag werd het tijd om naar huis te gaan. Voordat het donker werd wilde ik wel thuis zijn, want anders herken ik niks en verdwaal ik nog sneller. Dan blijkt dat mijn TomTom de hele dag in de auto heeft gelegen. Die is inmiddels leeg en in mijn auto zit geen oplader. Tweede paniekaanval van vandaag. Want hoe kan ik nou mijn huis vinden zonder navigatie?! En nu is het ook al donker!
TIP 4: haal je TomTom altijd uit de auto. Loopt ie niet leeg, dan zou die weleens gestolen kunnen worden!
Op een cruciaal kruispunt (links? rechts?) heb ik mijn TomTom ingezet, die nog eventjes aan de lader had gelegen. Daardoor ben ik weer veilig thuis gekomen. En het inparkeren ging prima!
TIP 5: onthoud altijd wat er goed is gegaan, in plaats van wat er mis is gegaan!
TIP 1: laad altijd je mobiel op voordat je de auto instapt!
Vanaf nu heb ik ook woonplaatsservice van de ANWB. Blijkt toch handig te zijn. De vriendelijke ANWB-meneer wees mij er fijntjes op dat een Japanse mini-accu leeg loopt, wanneer je alleen maar op en neer naar de tennisbaan rijdt. Oh. Dat wordt dus weer fietsen.
TIP 2: koop geen auto van een oud vrouwtje dat er alleen maar boodschappen mee deed!
Met een opgeladen accu kon ik toch nog vertrekken en twee uur te laat kwam ik aan op het feest. Kon ik die storende radio eindelijk uit doen.
TIP 3: stel je radio opnieuw in wanneer de spanning weg is gevallen. Dat voorkomt een ritje ruis.
Na een gezellige dag werd het tijd om naar huis te gaan. Voordat het donker werd wilde ik wel thuis zijn, want anders herken ik niks en verdwaal ik nog sneller. Dan blijkt dat mijn TomTom de hele dag in de auto heeft gelegen. Die is inmiddels leeg en in mijn auto zit geen oplader. Tweede paniekaanval van vandaag. Want hoe kan ik nou mijn huis vinden zonder navigatie?! En nu is het ook al donker!
TIP 4: haal je TomTom altijd uit de auto. Loopt ie niet leeg, dan zou die weleens gestolen kunnen worden!
Op een cruciaal kruispunt (links? rechts?) heb ik mijn TomTom ingezet, die nog eventjes aan de lader had gelegen. Daardoor ben ik weer veilig thuis gekomen. En het inparkeren ging prima!
TIP 5: onthoud altijd wat er goed is gegaan, in plaats van wat er mis is gegaan!
donderdag 11 maart 2010
Column
'Revolutie', 'relativerend', 'actueel', 'persoonlijk'. Youp van 't Hek vertelde op tv dat een goede columnist dat soort dingen in zijn/haar column moet verwerken. En vervolgens ook nog duidelijk vertellen wat jij vindt van iets. Maar ik vraag me af wie daar nou echt in geinteresseerd is. Ik wil gewoon vertellen dat ik gewond ben geraakt tijdens het opbouwen van een rolbanner (blauwe vingers en bloed). Op zich wel aktueel - want het gebeurde vanmorgen - maar revolutionair? Nou, misschien ook wel, want ik heb nooit eerder gehoord dat rolbanners gevaarlijk konden zijn... En nu ik het zo bekijk, is dit eigenlijk ook best een persoonlijk verhaal. Oh ja, en relatief gezien valt de wond aan mijn vinger nog mee. Het bloed spoot er niet uit, maar er was wel sprake van los vel - dus beetje bloed - en pijn. En ik kan ze nog wel bewegen. Daar kwam ik na een half uur achter, nadat ik het eerst aan iedereen had laten zien en een jodium met een pleister weigerde. Dat vind ik zo naar, als anderen iets aan je wond willen doen?! Ik heb altijd geleerd dat je een open wond beter door de lucht kan laten drogen. Op de lagere school viel ik vaak (als je mij kent zou dit eventueel minder verrassend kunnen zijn). Mijn zussen vonden dat ik me aanstelde wanneer ik mij hinkend (knie) of met een rechte arm (elleboog) voortbewoog. Meestal was ik na een paar uur wel vergeten dat ik pijn had. Maar pas als ik iedereen op de hoogte had gesteld van mijn drama. Na een dag of drie kon het pulken aan de korstjes bginnen. Dat werd mij dan natuurlijk ook weer verboden. Stiekem toch doen, weer sprake van bloed en het liedje begon opnieuw.
Tussen de regels door zag ik dat Y. van 't H. van die vaste dingen doet, als Het Parool lezen. Dat soort mensen (Mag ik dat zo zeggen?) hebben altijd van die dingetjes: een bepaalde zanger - en dat is dan meestal Ramses Shaffy - helemaal geweldig vinden, een vorkeur hebben voor (een) bepaalde filmmaker(s)/regisseur (Coen Brothers, Tarantino in mindere mate). Ik heb dat niet zo. Het enige vaste onderdeel dat ik mijn leven kan ontdekken is dat ik dingen, of mezelf, sloop. Een volgende keer zal ik Youps raad opvolgen en vertellen wat ik daarvan vind!
Tussen de regels door zag ik dat Y. van 't H. van die vaste dingen doet, als Het Parool lezen. Dat soort mensen (Mag ik dat zo zeggen?) hebben altijd van die dingetjes: een bepaalde zanger - en dat is dan meestal Ramses Shaffy - helemaal geweldig vinden, een vorkeur hebben voor (een) bepaalde filmmaker(s)/regisseur (Coen Brothers, Tarantino in mindere mate). Ik heb dat niet zo. Het enige vaste onderdeel dat ik mijn leven kan ontdekken is dat ik dingen, of mezelf, sloop. Een volgende keer zal ik Youps raad opvolgen en vertellen wat ik daarvan vind!
zondag 28 februari 2010
Jong
Wanneer je 29 bent, kun je in de kroeg dat 'negenen' nog een beetje verdoezelen. 'Hoe oud ben je eigenlijk?' 'Oh...mblmompelTWINTIG. En jij?' Dan wil het weleens gebeuren dat je een eerstejaars student aan je broek c.q. jurk hebt hangen. Dat gaat zometeen dus niet meer. Over een week word ik 30. Dertig, thirty, dreissig... Dat klinkt wel erg groot en volwassen, vind je niet? Als je klein bent zijn mensen van 30 mevrouwen en meneren. En in je studententijd begrijp je niet dat die mensen nog in de kroeg hangen. 'Ga lekker thuis zitten! Je bent hier veel te oud voor', dachten wij toen. Onzin natuurlijk! Weten wij nu.
Maar goed. Nu is het zo dat ik er nogal jong uit schijn te zien, dus dat kan voordelig werken. Tot nu toe heb ik er alleen maar nadeel van ondervonden, dus dat wordt dan ook wel tijd.
Ik ben een week te laat geboren. Toch dachten de artsen dat ik prematuur was. Op de verjaardag van mijn oppaskind (zes jaar jonger) werd ik aangezien voor haar klasgenootje. Als enige van onze vriendengroep was ik 18. En alleen ik moest mijn identiteitsbewijs laten zien bij het binnengaan van een cafe. Een paar maanden geleden moest ik bij het kopen van een fles wijn bewijzen dat ik ouder ben dan 16. Nou vraag ik je?! Maar het toppunt vond een paar weken geleden plaats. Ik werd gebeld door een enquetebureau. De dame aan de andere kant van de lijn vroeg of mijn vader of moeder ook thuis was. Wat?! Dat ging me te ver. Ik heb deze vrouwspersoon (waarschijnlijk zelf amper 16) verteld dat ze mij onmiddellijk uit het systeem moest halen en het nooit meer in haar hoofd hoefde te halen mij nog eens te bellen. Moest ze nog lachen ook...
Ik weet dat de hele wereld krampachtig zijn of haar best doet om jeugdig over te komen. Allemaal leuk en aardig, maar voorlopig ben ik nog even in afwachting van de voordelen.
Maar goed. Nu is het zo dat ik er nogal jong uit schijn te zien, dus dat kan voordelig werken. Tot nu toe heb ik er alleen maar nadeel van ondervonden, dus dat wordt dan ook wel tijd.
Ik ben een week te laat geboren. Toch dachten de artsen dat ik prematuur was. Op de verjaardag van mijn oppaskind (zes jaar jonger) werd ik aangezien voor haar klasgenootje. Als enige van onze vriendengroep was ik 18. En alleen ik moest mijn identiteitsbewijs laten zien bij het binnengaan van een cafe. Een paar maanden geleden moest ik bij het kopen van een fles wijn bewijzen dat ik ouder ben dan 16. Nou vraag ik je?! Maar het toppunt vond een paar weken geleden plaats. Ik werd gebeld door een enquetebureau. De dame aan de andere kant van de lijn vroeg of mijn vader of moeder ook thuis was. Wat?! Dat ging me te ver. Ik heb deze vrouwspersoon (waarschijnlijk zelf amper 16) verteld dat ze mij onmiddellijk uit het systeem moest halen en het nooit meer in haar hoofd hoefde te halen mij nog eens te bellen. Moest ze nog lachen ook...
Ik weet dat de hele wereld krampachtig zijn of haar best doet om jeugdig over te komen. Allemaal leuk en aardig, maar voorlopig ben ik nog even in afwachting van de voordelen.
woensdag 24 februari 2010
Droom
Wat een nacht! Eerst heb ik Sven uit de put proberen te praten. Dat ging redelijk goed en het werd zelfs gezellig. Maar op het moment dat ik hem een zoen op zijn mond wilde geven hield hij me af. Hij liet mij een vrolijke kaart zien waarop stond dat hij - en ik heb hier een scoop - zich net verloofd had met zijn vriendin. Vervolgens was ik medeplichtig aan diefstal van een partij dvd's bij Albert Heijn. Jet Bussemaker had het allemaal verzonnen, niet ik! Op het moment dat ik het idee had dat we gesnapt werden, zei ik tegen haar:'We kunnen onszelf beter nu aangeven. U bent tóch al ontslagen!' Daarna kwam ik mijn ex nog tegen met wie ik tot half 10 's ochtends uit ging. Allemaal heel vermoeiend dus. Deze droom.
Terug naar Sven Kramer... Erg, hè? Ik was geschokt toen ik zag dat hij de verkeerde bocht nam en ik kon wel janken toen de scheidsrechters bij elkaar kwamen. Dit ging helemaal mis! Zijn droom in duigen, terwijl de gouden medaille voor het grijpen lag. Kemkers is een oen!
Sportcommentatoren zijn ook zo loeihard. Daar zit je op dat moment nou net even niet op te wachten. 'En gaat u nou niet zeggen dat Seung-Hoon Lee het goud heeft gestolen, want dat is niet zo. Hij heeft het verdiend.' Maar het voelt toch alsof hij over de rug van Kramer heeft gewonnen? 'Zo gaat het de boeken in.' En: 'Topsport heeft een wrede kant. Dit is er zo een.'
Wreed ja...dat is het. Boosheid, wanhoop, teleurstelling en ongeloof straalde van Kramers kop af. Wat een rotnacht moet hij gehad hebben.
Had ik Sven vannacht maar die zoen mogen geven. Dan voelde hij zich nu vast een stuk beter!
Terug naar Sven Kramer... Erg, hè? Ik was geschokt toen ik zag dat hij de verkeerde bocht nam en ik kon wel janken toen de scheidsrechters bij elkaar kwamen. Dit ging helemaal mis! Zijn droom in duigen, terwijl de gouden medaille voor het grijpen lag. Kemkers is een oen!
Sportcommentatoren zijn ook zo loeihard. Daar zit je op dat moment nou net even niet op te wachten. 'En gaat u nou niet zeggen dat Seung-Hoon Lee het goud heeft gestolen, want dat is niet zo. Hij heeft het verdiend.' Maar het voelt toch alsof hij over de rug van Kramer heeft gewonnen? 'Zo gaat het de boeken in.' En: 'Topsport heeft een wrede kant. Dit is er zo een.'
Wreed ja...dat is het. Boosheid, wanhoop, teleurstelling en ongeloof straalde van Kramers kop af. Wat een rotnacht moet hij gehad hebben.
Had ik Sven vannacht maar die zoen mogen geven. Dan voelde hij zich nu vast een stuk beter!
maandag 22 februari 2010
Saai
Ik heb werkelijk niets meegemaakt het afgelopen weekend. Vanwege een zere enkel kon ik niet tennissen. Nu begon die wedstrijd op zondagochtend om half tien in Alkemade (ik weet eigenlijk niet eens waar dat ligt) en het regende, dus dat was dan ook weer niet zo heel erg. Maar een heel weekend niets doen is wel erg weinig en levert weinig inspiratie op. De vraag is of je daar dan wel over moet schrijven. Misschien heb je het zelf ook wel ooit meegemaakt, maar voor de zekerheid zal ik je toch nog even uitleggen hoe saai niks is: te lang - dat kan dus - uitslapen, omdat je niets beters te doen hebt; niet naar buiten willen en op het moment dat je alle moed verzameld hebt, blijkt het opeens te regenen; zo lang op de bank hangen dat je er kramp van in je tenen krijgt (echt!); geen zin hebben in een leuke film - want al drie keer gezien - en ook niet in een stomme - want, spreekt voor zich; uitkijken naar het avondeten, koken is immers weer een activiteit; oude kranten van voor de kerst lezen; op internet op zoek naar een verre vakantie waar je of geen tijd voor hebt of die je niet kunt betalen; lamlendig zijn van het uitslapen, dus op tijd naar bed, maar nu niet meer kunnen slapen, zodat je op maandag toch nog gapend achter je bureau zit. De hele dag hoop je dat iemand belt om nog iets te gaan doen, maar dat gebeurt niet. De tijd kruipt voorbij. Op een gegeven moment ben je zo duf dat je zelf ook geen zin meer hebt om met iemand af te spreken. Kortom: om te brullen!
Oke, om eerlijk te zijn ging het niet om een heel weekend, maar alleen om zondag. Maar het voelde echt heel erg lang!
Niks voor mij...niks doen.
Oke, om eerlijk te zijn ging het niet om een heel weekend, maar alleen om zondag. Maar het voelde echt heel erg lang!
Niks voor mij...niks doen.
donderdag 18 februari 2010
Spoeddebat
Spannend, het derde deel van het spoeddebat gaat zo van start. Eerst een hapje gegegeten, daarna snel naar de Tweede Kamer. Stoer hoor, daar sta je dan.
'Kom, laten we aan de perstafeltjes gaan zitten'.
Trapje af...
Als een flits gaat het debat aan mij voorbij.
Door de microfoon klinkt: 'EHBO...wil de EHBO naar de tribune komen.'
('Neeee!')
'Gaat het, jonge dame?'
'Ja hoor...' (Auw!)
'Dat trapje is ook heel ongelukkig, hoor!'
Hoe genant wil je het hebben?! Nou ja, los van een gekneuste bil en een zere enkel is er niks aan de hand.
Tot nu toe is het kabinet nog niet gevallen. Ik was het alleen maar.
'Kom, laten we aan de perstafeltjes gaan zitten'.
Trapje af...
Als een flits gaat het debat aan mij voorbij.
Door de microfoon klinkt: 'EHBO...wil de EHBO naar de tribune komen.'
('Neeee!')
'Gaat het, jonge dame?'
'Ja hoor...' (Auw!)
'Dat trapje is ook heel ongelukkig, hoor!'
Hoe genant wil je het hebben?! Nou ja, los van een gekneuste bil en een zere enkel is er niks aan de hand.
Tot nu toe is het kabinet nog niet gevallen. Ik was het alleen maar.
woensdag 17 februari 2010
Vies
In mijn studentenkamer was het altijd een grote gezellige boel. Alles kon en alles mocht op mijn kamer. Tenminste, dat dacht iedereen altijd, omdat het er zo'n bende was. De inhoud van mijn kledingkast lag op een stoel en deels op de grond, afwas stond in de wasbak (de keuken was vol), glazen op de vloer, wijnvlekken op de kussens, omdat mijn tafeltje altijd in elkaar stortte, studieboeken verspreid over de grond, want mijn conmputer uit 1876 nam mijn bureau in beslag. Zoiets. Voor de stofzuiger had ik een nieuwe plek gevonden. Die heeft een half jaar op de gang gestaan, omdat ik er een grote spin mee op had gezogen. Mijn huisgenootje vertelde dat die er of weer uit zou kruipen, of een nestje ging maken. Mooi niet in mijn geweldige kamer!
Wanneer ik vroeger mijn kamer op moest ruimen had ik daar meestal ook niet al te veel zin in. Mijn moeder dreigde alle troep in een vuilniszak te stoppen. Gelukkig heb ik twee zussen. Terwijl zij opruimden, kon ik lekker een boek lezen. He, gezellig, opruimen!
De ommekeer kwam een paar jaar geleden. Mijn vriendje, waar ik de meeste tijd doorbracht, was nog veel slordiger dan ik. Dat is mijn mening althans... Als hij weg was, waste is stiekem af. Dat had hij niet alleen door vanwege het lege aanrecht, maar ook omdat de pannen volgens hem nog een beetje vies waren, of vanwege de aanslag op de badkamervloer (iets te agressief schoonmaakmiddel). Ondertussen was het in mijn eigen kleine huisje nog een grote zooi. Dat zag ik wel, maar zin om op te ruimen had ik niet. Ik was er toch nooit.
Toen ik een paar maanden geleden weer alleen ging wonen wilde ik alles anders. Een lieve vriendin en vriend klonk dit als muziek in de oren. Ze hobbelde achter ze aan in de Ikea. Samen gingen ze de Gamma in, terwijl ik klem zat in de achterbak van de auto. Witte kasten, witte bank, witte tafel, witte verf. En veel vuilniszakken. Ze hebben gezwoegd, terwijl ik broodjes smeerde en schroeven verkeerdom in de kastjes schroefde en dus verzocht werd om maar thee te gaan zetten, ofzoiets. Nu zit ik hier in mijn eigen witte paradijs. Elke dag doe ik de afwas, drink alleen nog maar witte wijn en poets me een ongeluk. Ik denk dat ik smetvrees heb...
Wanneer ik vroeger mijn kamer op moest ruimen had ik daar meestal ook niet al te veel zin in. Mijn moeder dreigde alle troep in een vuilniszak te stoppen. Gelukkig heb ik twee zussen. Terwijl zij opruimden, kon ik lekker een boek lezen. He, gezellig, opruimen!
De ommekeer kwam een paar jaar geleden. Mijn vriendje, waar ik de meeste tijd doorbracht, was nog veel slordiger dan ik. Dat is mijn mening althans... Als hij weg was, waste is stiekem af. Dat had hij niet alleen door vanwege het lege aanrecht, maar ook omdat de pannen volgens hem nog een beetje vies waren, of vanwege de aanslag op de badkamervloer (iets te agressief schoonmaakmiddel). Ondertussen was het in mijn eigen kleine huisje nog een grote zooi. Dat zag ik wel, maar zin om op te ruimen had ik niet. Ik was er toch nooit.
Toen ik een paar maanden geleden weer alleen ging wonen wilde ik alles anders. Een lieve vriendin en vriend klonk dit als muziek in de oren. Ze hobbelde achter ze aan in de Ikea. Samen gingen ze de Gamma in, terwijl ik klem zat in de achterbak van de auto. Witte kasten, witte bank, witte tafel, witte verf. En veel vuilniszakken. Ze hebben gezwoegd, terwijl ik broodjes smeerde en schroeven verkeerdom in de kastjes schroefde en dus verzocht werd om maar thee te gaan zetten, ofzoiets. Nu zit ik hier in mijn eigen witte paradijs. Elke dag doe ik de afwas, drink alleen nog maar witte wijn en poets me een ongeluk. Ik denk dat ik smetvrees heb...
zondag 14 februari 2010
Valentijn
Overal zie ik hartjes en rozen en op elke radiozender hoor ik liefdesliedjes. Het is Valentijnsdag. Dit doet mij denken aan 14 februari 1991. Toen ik thuis kwam van school lag er een envelop voor mij klaar met daarin een enorme valentijnskaart. Van mijn vriendje Kees. Drie jaar lang hadden we verkering. We zagen elkaar een paar keer per jaar op elkaars verjaardag of in de vakanties. En als we elkaar dan zagen durfden we niets tegen elkaar te zeggen. Gelukkig was mijn vriendinnetje - zijn nichtje - er altijd bij, zodat de sfeer niet al te ongemakelijk werd. Naast Kees veroorloofde ik me ook nog andere vriendjes met wie ik elke dag op het schoolplein kon spelen. Keesje woonde immers in een andere plaats. In die tijd was dat wel gebruikelijk. Vriendje Frank van het schoolplein bijvoorbeeld had ook weer verkering met mijn vriendin. Voor het gemak schreef hij vaak één brief, bestemd voor ons allebei.
Op mijn 13e ontving ik weer een brief van Kees. Zo hielden we namelijk contact. Deze brief had een andere inhoud. Hij legde uit dat hij op vakantie een ander meisje had ontmoet en dat hij zich nu genoodzaakt voelde het met mij uit te maken. Ik zag het probleem niet zo in, maar ik vond het wel heel erg dat hij mij dumpte, in plaats van ik hem. Toen heb ik hem, heel gemeen, teruggeschreven dat ik niet eens wist dat het überhaupt nog aan was. Dat is niet aardig en ik heb hiermee dan ook elk greintje respect en contact dat we nog zouden kunnen hebben verpest.
Sindsdien heb ik heel netjes steeds maar één vriendje tegelijk gehad, maar vriendschap sluiten met een ex is me nog nooit gelukt...
Op mijn 13e ontving ik weer een brief van Kees. Zo hielden we namelijk contact. Deze brief had een andere inhoud. Hij legde uit dat hij op vakantie een ander meisje had ontmoet en dat hij zich nu genoodzaakt voelde het met mij uit te maken. Ik zag het probleem niet zo in, maar ik vond het wel heel erg dat hij mij dumpte, in plaats van ik hem. Toen heb ik hem, heel gemeen, teruggeschreven dat ik niet eens wist dat het überhaupt nog aan was. Dat is niet aardig en ik heb hiermee dan ook elk greintje respect en contact dat we nog zouden kunnen hebben verpest.
Sindsdien heb ik heel netjes steeds maar één vriendje tegelijk gehad, maar vriendschap sluiten met een ex is me nog nooit gelukt...
zaterdag 13 februari 2010
Virtuele date
Zaterdagochtend: klein katertje, broodje, eitje, sapje. Heerlijk! Ik doe mijn computer aan en lees even rustig mijn e-mails door. Een inbox vol met e-mails van mannen uit het hele land. Ik schrik me rot! Vrolijke, korte, wanhopige, lange, vriendelijke, irritante, boeiende, saaie en - vooral - veel vleiende e-mails. Als experiment heb ik me eergisteren ingeschreven bij een datingsite. Puur uit nieuwsgierigheid. Je hoort er zoveel over en ik was al heel lang zo ontzettend nieuwsgierig naar hoe dat dan werkt! En aangezien ik op het moment even geen vriendje heb, leek me dit het uitgelezen moment om het experiment aan te gaan. Toen ik afgelopen week dus 's avonds alleen thuis zat, niets te doen had en een beetje achter de computer hing, heb ik het gedaan. Ingeschreven!
Aii...al snel werd mijn duidelijk dat dit niets voor mij is. De meeste mensen zijn niet al te fotogeniek, dus iedereen stuurt de meest afthanse en vreemde foto's mee (ik zie ergens nog net een stukje hoofd van een ex), op de meest vreemde plaatsen genomen (ik noem een badkamer, een duistere kroeg). Hoe kun je in hemelsnaam op basis van een foto iemand interessant vinden?! Je valt toch op hoe iemand praat, lacht, beweegt en kijkt? Begrijp me niet verkeerd, ik realiseer me dat internet voor heel veel mensen een geweldige manier is om iemand te ontmoeten. Ik ben er natuurlijk ook met de verkeerde intenties ingestapt. Wanneer je echt op zoek bent naar een man dan word je heel blij van al die reacties. Nieuwsgierigheid is niet de goede basis voor zoiets.
Maar wat moet ik nou met die berichten? Ik zie het zo voor me dat er een man uit Groningen/Utrecht/Zuid-Limburg/Amsterdam/Singapore (!) achter zijn computertje is gekropen op zoek naar een vrouw. Hij leest vervolgens mijn ultrakorte introductieverhaaltje als eerste. (Dat gebeurt wanneer je nieuw bent.) Dan denkt hij:'Oh, echt leuk!' En gaat vervolgens zitten zwoegen op een al dan niet origineel mailtje. En vervolgens reageer ik niet. Ik vind dat een beetje zielig! En misschien ben ik naief en mailen zij zo'n tien vrouwen per avond, ik voel me toch schuldig. Ergens staat ook dat het attent is om iemand te laten weten dat je niet zo heel erg geinteresseerd bent, maar zelfs daar kan ik me niet toe zetten. Er is maar een oplossing: direct uitschrijven. Nu!
Aii...al snel werd mijn duidelijk dat dit niets voor mij is. De meeste mensen zijn niet al te fotogeniek, dus iedereen stuurt de meest afthanse en vreemde foto's mee (ik zie ergens nog net een stukje hoofd van een ex), op de meest vreemde plaatsen genomen (ik noem een badkamer, een duistere kroeg). Hoe kun je in hemelsnaam op basis van een foto iemand interessant vinden?! Je valt toch op hoe iemand praat, lacht, beweegt en kijkt? Begrijp me niet verkeerd, ik realiseer me dat internet voor heel veel mensen een geweldige manier is om iemand te ontmoeten. Ik ben er natuurlijk ook met de verkeerde intenties ingestapt. Wanneer je echt op zoek bent naar een man dan word je heel blij van al die reacties. Nieuwsgierigheid is niet de goede basis voor zoiets.
Maar wat moet ik nou met die berichten? Ik zie het zo voor me dat er een man uit Groningen/Utrecht/Zuid-Limburg/Amsterdam/Singapore (!) achter zijn computertje is gekropen op zoek naar een vrouw. Hij leest vervolgens mijn ultrakorte introductieverhaaltje als eerste. (Dat gebeurt wanneer je nieuw bent.) Dan denkt hij:'Oh, echt leuk!' En gaat vervolgens zitten zwoegen op een al dan niet origineel mailtje. En vervolgens reageer ik niet. Ik vind dat een beetje zielig! En misschien ben ik naief en mailen zij zo'n tien vrouwen per avond, ik voel me toch schuldig. Ergens staat ook dat het attent is om iemand te laten weten dat je niet zo heel erg geinteresseerd bent, maar zelfs daar kan ik me niet toe zetten. Er is maar een oplossing: direct uitschrijven. Nu!
zondag 7 februari 2010
Omelet
Ik vind mezelf op dit moment redelijk briljant! Ik heb zojuist een omelet op z'n Julia Child's gemaakt en hij was perfect! Dat ligt niet aan het recept, maar aan de achterliggende techniek. Het komt door Julie & Julia. Het boek heb ik net uit, de film gisteren gezien. (Het boek was wel vermakelijk, de film niet). Het gaat over een jonge vrouw (ben je nog een meisje als je 29 bent?) die in een jaar alle 524 recepten uit het kookboek De Kunst van het Koken van Julia Child doorploetert. In haar blog houdt ze haar lezers op de hoogte. Omdat ik van eten houd en simpele, doch lekkere recepten, zocht ik vanavond op Youtube de echte Julia Child op en zag hoe zij een ommelet maakte. Het leek me uitermate grappig om dat eens na te doen.
Eerst klop je je eitjes op met een eetlepel water. (Water maakt een ommelet luchtig; dat heb ik van Sylvia Witteman geleerd.) Vervolgens smelt je in een hete pan wat boter. Voordat de boter bruin is gooi je je geklopte eieren in de pan en schuif je de pan als een bezetene heen en weer. Als het goed is (EN BIJ MIJ WAS HET GOED!) dan rolt de omelet zich vanzelf op tot een langwerpige rol. In mijn enthousiasme - ga je gang, noem het maar overmoed! - wierp ik het ding ook nog even in de lucht om deze vervolgens met een soepele beweging op te vangen. Dat deed Julia zelf niet eens! Er viel maar een heel klein stukje op de grond (echt piepklein, dus eigenlijk niet noemenswaardig). Wanneer de ommelet op je bord ligt, strooi je er wat peterselie overheen. Lekker! Wel even in de spiegel kijken voordat je de deur uit gaat. Peterselie heeft nogal de neiging om aan je tanden te plakken...
Eerst klop je je eitjes op met een eetlepel water. (Water maakt een ommelet luchtig; dat heb ik van Sylvia Witteman geleerd.) Vervolgens smelt je in een hete pan wat boter. Voordat de boter bruin is gooi je je geklopte eieren in de pan en schuif je de pan als een bezetene heen en weer. Als het goed is (EN BIJ MIJ WAS HET GOED!) dan rolt de omelet zich vanzelf op tot een langwerpige rol. In mijn enthousiasme - ga je gang, noem het maar overmoed! - wierp ik het ding ook nog even in de lucht om deze vervolgens met een soepele beweging op te vangen. Dat deed Julia zelf niet eens! Er viel maar een heel klein stukje op de grond (echt piepklein, dus eigenlijk niet noemenswaardig). Wanneer de ommelet op je bord ligt, strooi je er wat peterselie overheen. Lekker! Wel even in de spiegel kijken voordat je de deur uit gaat. Peterselie heeft nogal de neiging om aan je tanden te plakken...
Auto (1)
Vanmorgen ben ik voor het eerst met mijn eigen auto naar de tennisclub gereden. Dat vind ik best stoer. 'Nee, ik ga niet met de fiets. Het regent een beetje, ik denk dat ik de auto maar even pak.' (Voor de meesten onder ons is dit misschien niet zo bijzonder meer, maar denk even terug aan je eigen eerste auto). Mijn autootje is er niet zonder slag of stoot gekomen. Vijf jaar geleden heb ik mijn rijbewijs gehaald (dat is een verhaal apart), maar in al die jaren had ik nog nooit alleen gereden. Ik heb sowieso vrij weinig gereden. Ik wist het altijd wel zo te draaien dat dat niet hoefde. 'Het zijn jouw vrienden, dus jij rijdt maar!' of 'Het zijn mijn vrienden, dus ik wil wel een wijntje kunnen drinken'. 'Ik heb iets aan mijn lenzen, geloof ik', 'Ik heb mijn zonnebril niet bij me.' en 'Het is jouw auto, straks gebeurt er iets'. De dreiging dat er iets met zijn auto zou kunnen gebeuren leek mij een goed argument.
Er zijn 3 redenen waarom ik autorijden niet zo geweldig vind:
1) Ik heb een grenzeloos vertrouwen in andermans stuurkunsten, behalve als ik zelf achter het stuur zit. Vandaag reed ik bijvoorbeeld binnen de bebouwde kom. Daar mag je doorgaans 50, dus zo hard reed ik ook. Ik heb de halve weg met een idioot achter me gereden, die zowat in mijn achterbak zat. En toen stak hij ook nog eens zijn middelvinger op! Zulke engerds bestaan dus.
2) Omdat ik een lui oog heb, zie ik geen diepte. Dat vond ik altijd wel een mooi excuus (ook voor het verliezen tijdens tenniswedstrijden doet deze het goed!) Volgens mijn vader onzin, want hij had vroeger een vriend met 1 oog en die reed als de beste. Ja...
3) Parkeren (bijbehorend excuus: geen ruimtelijk inzicht). Fileparkeren is rampzalig. Ik weet nooit welke kant ik het stuur op moet draaien en doe het dus altijd net verkeerd. Met het gevolg dat ik ofwel in iemands huiskamer geparkeerd sta, of midden op de weg. (En dat is dan in de situatie dat er sprake is van 2 lege plekken achter elkaar. Anders begin ik er sowieso niet aan).
Mocht je je afvragen waarom ik in hemelsnaam dan een auto heb gekocht? Dat is een onderdeel van mijn persoonlijke programma Binnen een half jaar Onafhankelijk en Mobiel. En dat gaat best goed!
Er zijn 3 redenen waarom ik autorijden niet zo geweldig vind:
1) Ik heb een grenzeloos vertrouwen in andermans stuurkunsten, behalve als ik zelf achter het stuur zit. Vandaag reed ik bijvoorbeeld binnen de bebouwde kom. Daar mag je doorgaans 50, dus zo hard reed ik ook. Ik heb de halve weg met een idioot achter me gereden, die zowat in mijn achterbak zat. En toen stak hij ook nog eens zijn middelvinger op! Zulke engerds bestaan dus.
2) Omdat ik een lui oog heb, zie ik geen diepte. Dat vond ik altijd wel een mooi excuus (ook voor het verliezen tijdens tenniswedstrijden doet deze het goed!) Volgens mijn vader onzin, want hij had vroeger een vriend met 1 oog en die reed als de beste. Ja...
3) Parkeren (bijbehorend excuus: geen ruimtelijk inzicht). Fileparkeren is rampzalig. Ik weet nooit welke kant ik het stuur op moet draaien en doe het dus altijd net verkeerd. Met het gevolg dat ik ofwel in iemands huiskamer geparkeerd sta, of midden op de weg. (En dat is dan in de situatie dat er sprake is van 2 lege plekken achter elkaar. Anders begin ik er sowieso niet aan).
Mocht je je afvragen waarom ik in hemelsnaam dan een auto heb gekocht? Dat is een onderdeel van mijn persoonlijke programma Binnen een half jaar Onafhankelijk en Mobiel. En dat gaat best goed!
woensdag 3 februari 2010
Boer
Het gaat niet goed met mij... Ik word een wilde, een savant! Hoe langer ik alleen woon, hoe erger het wordt. Wanneer je met een gezin woont, met je vriend(in) of zelfs als je in een studentenhuis, is er vaak wel sprake van enige intrinsieke motivatie om jezelf een béétje te gedragen.
Het begon ongeveer een maand geleden met iets redelijk onschuldigs. Ik betrapte mezelf erop dat ik hardop aan het praten was. 'Zo, even een kopje thee maken en dan lekker tv kijken!' Zeg nou zelf, zoiets doet toch alleen je bejaarde oudtante?! Het kan toch niet goed zijn wanneer een jonge vrouw in de kracht van haar leven zoiets doet! Naast dit wonderlijke feit laat ik thuis nu ook boeren. Harde boeren. Soms ook aan de telefoon; mijn zus haat dat! Nu is het wel zo dat boeren een oude hobby van me is. Mijn vriendin M. en ik waren gevreesde boerenlaters binnen ons dispuut. Vol afgrijzen werden we van een afstandje bekeken, wanneer de andere dames ons al de benodigde halve liter cola weg zagen werken. Die blikken vol walging werkten voor ons alleen maar als aanmoediging. (Achteraf gezien een wonder dat er nog mensen waren die überhaupt een woord met ons wilden wisselen). Maar goed, die studententijd ging voorbij en daar kwam een baan voor in de plaats. Vriendjes vinden een boerende vriendin meestal ook niet zo charmant, dus ik heb me aan weten te passen aan de normen en waarden van de geciviliseerde wereld. Behalve dan vanmorgen...in de trein...vierzits... Ik was lekker van mijn kopje koffie (van 4 euro en 10 cent!!) aan het genieten. Bekertje leeg. Bekertje in de prullenbak. Dat gebeurde allemaal een beetje gedachteloos. En opeens (ik had in eerste instantie niet eens door dat ik het was) BURBS!! De meneer naast me keek me plots onthutst aan, keek weer voor zich en besloot toen op te staan.
Ik schaam me een beetje voor mezelf..!
Het begon ongeveer een maand geleden met iets redelijk onschuldigs. Ik betrapte mezelf erop dat ik hardop aan het praten was. 'Zo, even een kopje thee maken en dan lekker tv kijken!' Zeg nou zelf, zoiets doet toch alleen je bejaarde oudtante?! Het kan toch niet goed zijn wanneer een jonge vrouw in de kracht van haar leven zoiets doet! Naast dit wonderlijke feit laat ik thuis nu ook boeren. Harde boeren. Soms ook aan de telefoon; mijn zus haat dat! Nu is het wel zo dat boeren een oude hobby van me is. Mijn vriendin M. en ik waren gevreesde boerenlaters binnen ons dispuut. Vol afgrijzen werden we van een afstandje bekeken, wanneer de andere dames ons al de benodigde halve liter cola weg zagen werken. Die blikken vol walging werkten voor ons alleen maar als aanmoediging. (Achteraf gezien een wonder dat er nog mensen waren die überhaupt een woord met ons wilden wisselen). Maar goed, die studententijd ging voorbij en daar kwam een baan voor in de plaats. Vriendjes vinden een boerende vriendin meestal ook niet zo charmant, dus ik heb me aan weten te passen aan de normen en waarden van de geciviliseerde wereld. Behalve dan vanmorgen...in de trein...vierzits... Ik was lekker van mijn kopje koffie (van 4 euro en 10 cent!!) aan het genieten. Bekertje leeg. Bekertje in de prullenbak. Dat gebeurde allemaal een beetje gedachteloos. En opeens (ik had in eerste instantie niet eens door dat ik het was) BURBS!! De meneer naast me keek me plots onthutst aan, keek weer voor zich en besloot toen op te staan.
Ik schaam me een beetje voor mezelf..!
dinsdag 2 februari 2010
Ochtendhumeur
Die vijf ochtenden per week... De wekker gaat. Ik schrik wakker. Het licht moet aan... Ik vind dat zo erg! Mijn vader wenste mij vroeger 's ochtends vrolijk goedemorgen en deed de gordijnen in één ruk open (zomer) of deed de lamp aan (winter), terwijl ik nog niet eens echt wakker was. En niet een zacht sfeerlichtje ofzo, nee, bam! de 40 Watt kamerlamp. Grr..! De andere optie was dat mijn ouders de hond naar boven stuurden, die haar kop (dikwijls met kwijl) onder mijn dekbet wroette, op zoek naar mijn gezicht.
Omdat ik dus van slapen houd, heb ik in de loop der jaren een strakke tijdsplanning ontwikkeld. In krap 50 minuten loop ik een standaard programma af...
Toch maar het licht aan. Ik hijs me uit bed en waggel met knakkende botten naar de badkamer. Tanden poetsen tijdens het douchen, aankleden (Is dit schoon?), iets met een borstel en haar, bril op en naar beneden. Tas pakken, sjaal om, jas aan, handschoenen aan, naar buiten. De deur trek ik met een klap dicht. Fiets uit het rek trekken, poort met één arm openmaken (shit, zit nog dicht. Sleutels opgraven, fiets valt bijna om), auw!, trapper tegen scheen. Ik ben uit het hofje. Op de fiets, oversteken - oh pas op, auto, fietsers! Wachten voor het stoplicht (schiet nou o-hooop!) en in de file naar het station. Door de mensenmassa heen worstelend naar de fietsenstalling. Mompel nog 'Goedemorgen' naar de bewaker, maar die zegt niks terug. Dan niet!! Koffie halen (opschieten, mevrouw, ik heb haast!), naar het perron rennen. De trein staat er al, dus bomvol mensen. Staan...warm...een geur van natte hond en ongewassen mensen... Ik denk dat ik over mijn nek ga. Gelukkig, het station in zicht. Met honderd man tegelijk sjokkend naar de uitgang. Miezerige regen en nog steeds stank. Nu van de stad. Het overheidsgebouw in, toegangspas zoeken, in de rij voor het poortje, roltrap op, nog een roltrap op, sleutel pakken. In de gang roep ik 'Môge' met een geforceerde glimlach. Deur open, thee pakken en computer aan. Hè hè, gehaald! De dag kan weer beginnen!
Omdat ik dus van slapen houd, heb ik in de loop der jaren een strakke tijdsplanning ontwikkeld. In krap 50 minuten loop ik een standaard programma af...
Toch maar het licht aan. Ik hijs me uit bed en waggel met knakkende botten naar de badkamer. Tanden poetsen tijdens het douchen, aankleden (Is dit schoon?), iets met een borstel en haar, bril op en naar beneden. Tas pakken, sjaal om, jas aan, handschoenen aan, naar buiten. De deur trek ik met een klap dicht. Fiets uit het rek trekken, poort met één arm openmaken (shit, zit nog dicht. Sleutels opgraven, fiets valt bijna om), auw!, trapper tegen scheen. Ik ben uit het hofje. Op de fiets, oversteken - oh pas op, auto, fietsers! Wachten voor het stoplicht (schiet nou o-hooop!) en in de file naar het station. Door de mensenmassa heen worstelend naar de fietsenstalling. Mompel nog 'Goedemorgen' naar de bewaker, maar die zegt niks terug. Dan niet!! Koffie halen (opschieten, mevrouw, ik heb haast!), naar het perron rennen. De trein staat er al, dus bomvol mensen. Staan...warm...een geur van natte hond en ongewassen mensen... Ik denk dat ik over mijn nek ga. Gelukkig, het station in zicht. Met honderd man tegelijk sjokkend naar de uitgang. Miezerige regen en nog steeds stank. Nu van de stad. Het overheidsgebouw in, toegangspas zoeken, in de rij voor het poortje, roltrap op, nog een roltrap op, sleutel pakken. In de gang roep ik 'Môge' met een geforceerde glimlach. Deur open, thee pakken en computer aan. Hè hè, gehaald! De dag kan weer beginnen!
zondag 31 januari 2010
(On)sportief
Roger Federer, de koning van het tennis, heeft er weer een Grand Slam-titel bij! Voor het eerst in mijn leven zit ik geboeid voor de tv naar sport te kijken. Ik maak dan ook van die geluiden als 'Oeoeoeh...!', 'Neeee!!' en 'YES!' Dat hoort namelijk als je supporter bent. Vroeger begreep ik helemaal niks van tennis. Mijn ouders hebben jarenlang - tevergeefs - geprobeerd mij de regels bij te brengen. Pas toen ik drie jaar geleden zelf ging tennissen begonnen de regels langzaamaan een beetje op me in te werken. Maar het blijft moeilijk. Bijvoorbeeld tijdens een tiebreak. Dan ben ik vaak (echt vaak, eigenlijk al vanaf het begin) de kluts kwijt. Zou Andy Murray ook tijdens de wedstrijd soms even denken:'Uuh, hoe zat dat ook al weer. Moet ik nou links of rechts staan? Even kijken wat Roger doet... Oh ja!' Dat doe ik namelijk tijdens dat soort situaties, afkijken.
Ik vind het een lastige sport, hoor! Als het er toe doet, verlies ik altijd. Het mentale gedeelte van het spel spel heb ik nog niet onder controle. Wanneer ik de eerste game win, vind ik dat een beetje zielig voor mijn tegenstandster. Waarom?! De volgende games, sets en matches winnen zij namelijk altijd! Waar is dat killerinstinct? Ik heb het niet geloof ik. Zo komt het dan ook dat ik op een dramatisch lage positie sta. Ergens in de krochten van de KNLTB komt mijn naam ook eens een keertje voor. Het erge is dat ik niet zo'n type ben dat het niet erg vindt om te verliezen en opmerkingen als 'het is maar een spelletje' echt haat! Ik kan totaal niet tegen mijn verlies. Maar daar staat iets ergers tegenover. Als ik dan eens win verander ik in een groter monster, maak stomme grapjes tegen de tegenstandster, vertel haar dat het maar een spelletje is (!) en dus totaal niet belangrijk, maar laat vervolgens wel iedereen op onsubtiele wijze weten dat ik GEWONNEN heb!
Wat is nou beter, een goede verliezer zijn of een slechte winnaar?
Ik vind het een lastige sport, hoor! Als het er toe doet, verlies ik altijd. Het mentale gedeelte van het spel spel heb ik nog niet onder controle. Wanneer ik de eerste game win, vind ik dat een beetje zielig voor mijn tegenstandster. Waarom?! De volgende games, sets en matches winnen zij namelijk altijd! Waar is dat killerinstinct? Ik heb het niet geloof ik. Zo komt het dan ook dat ik op een dramatisch lage positie sta. Ergens in de krochten van de KNLTB komt mijn naam ook eens een keertje voor. Het erge is dat ik niet zo'n type ben dat het niet erg vindt om te verliezen en opmerkingen als 'het is maar een spelletje' echt haat! Ik kan totaal niet tegen mijn verlies. Maar daar staat iets ergers tegenover. Als ik dan eens win verander ik in een groter monster, maak stomme grapjes tegen de tegenstandster, vertel haar dat het maar een spelletje is (!) en dus totaal niet belangrijk, maar laat vervolgens wel iedereen op onsubtiele wijze weten dat ik GEWONNEN heb!
Wat is nou beter, een goede verliezer zijn of een slechte winnaar?
vrijdag 29 januari 2010
Vakantie
Het is al maandenlang kloteweer in Nederland. En als het geen kloteweer is dan is het of zo ontzettend koud buiten dat je longen terstond bevriezen, of het sneeuwt. Dus welke gedachte komt dan bij een ieder op? Inderdaad! Ik wil op vakantie! Naar de zon! En wel nu!! Maar dat is dus een van de minder fijne dingen van single zijn. Ik heb niemand om mee op vakantie te gaan. Al mijn vriendinnen zitten fijn op de bank met hun vriendje. Ja, zo kwam ik de winters van 2006, 2007 en 2008 ook wel door, maar deze winter is het bikkelen geblazen. En om dezelfde reden is een skivakantie me ook al door de neus geboord. De zomer was naar onze maatstaven mooi, ook de nazomer kon er goed meer door. Nu is het net alsof de weergoden (Erwin K., Piet P., Diana de H en Peter T. themselves zaten vast ook in het complot) me eraan willen herinneren dat ik het nu toch echt alleen moet rooien. Niet zo aardig, vind je wel? Toen kwam ik op een idee. Ik heb anderhalve dag van het woord 'singlereis' geproefd. Beetje lopen internetten. Toen kwam ik op Fox Reizen. Zij bieden reizen aan voor alleenstaanden: 'Single maar niet alleen...' Daar ga je toch van over je nek?! Ja! Single! en WEL alleen dus!! Wrijf het er nog maar even in, zeg. Zeker bedacht door een of andere vrolijkerd die wel de hele winter in de armen van haar overmatig lieve vriendje doorbrengt en op het idee kwam toen haar sneue alleenige vriendin zei:'Ik wil op vakantie... Maar ik ben alleen!!' 'Nee, joh, je bent dan wel single, maar je bent toch niet alleen? Er zijn nog een heleboel andere mensen ook single. Ga je toch lekker samen?' Blegh! Maar het is natuurlijk wel een uitkomst voor heel veel mensen. En ik wil graag naar Israel en Afrika en Costa Rica en nog een heleboel andere landen. (NB: afgelopen zomer met de tent in Frankrijk was ook erg leuk, hoor).
Vanmiddag legde ik het singlevakantieplan aan mijn vriendin L. voor. Het leek haar een heel stoer plan. Zo alleen op vakantie. Een paar weken. Met een groep mensen. Die je helemaal niet kent, enzo. Echt heel stoer!
Toen ik in huilen uitbarstte zijn we tot de conclusie gekomen dat het voor mij misschien een beetje TE stoer is...
Vanmiddag legde ik het singlevakantieplan aan mijn vriendin L. voor. Het leek haar een heel stoer plan. Zo alleen op vakantie. Een paar weken. Met een groep mensen. Die je helemaal niet kent, enzo. Echt heel stoer!
Toen ik in huilen uitbarstte zijn we tot de conclusie gekomen dat het voor mij misschien een beetje TE stoer is...
donderdag 28 januari 2010
Appels
Het sms-contact verliep als volgt: 'He, zullen we een keer wat gaan drinken?' 'Een drankje, waarom niet...' (Goh, het enthousiasme spat van mijn schermpje af, maar ik laat me niet kisten. Door play hard to get prik ik keihard heen. Ben zelf trouwens bijzonder slecht in het toepassen ervan. Een minpuntje dat voortkomt uit puur enthousiasme). 'Waar spreken we af?' 'Kom maar naar mijn huis!' (Oh, ja hoor! Nee dus!) 'Goed, dan haal ik je op en gaan we ergens iets eten!' Nee. Let op het volgende antwoord: 'No I don't eat outside and only eat apples for dinner. Sorry about that...' Huh? Zeven jaar Engels op de middelbare school en een cursus business English blijkt niet toereikend om deze zin te begrijpen. Hoezo, je eet alleen maar appels als avondeten?! Doe je aan een appeldieet ofzo? (Dit bestaat! Ik heb het gegoogled. Misschien viel 'lillend vet' niet helemaal goed bij hem. Je moet dan trouwens voor elke maaltijd een appel eten, dus je kunt gewoon avondeten. Ik ben dol op uiteten gaan! Op eten in zijn algemeenheid trouwens. Dat brengt mij op het tweede punt). Waarom eet een Italiaan in godesnaam niet buiten de deur?! Zou zijn Mamma Roma hem voor drie jaar pasta mee hebben gegeven wat hij in 1000 kleine Tupperwarebakjes in de vriezer bewaart? Dat hij haar moest beloven alleen deze maaltijden te eten, want hij is toch haar liefste bambino? Ik vind het in elk geval raar. En weet je wat? Zak ook eigenlijk maar in de stront met je appels. Een belletje om hem dit even op zijn rechtschapen Leids te vertellen vervalt in het oenige voicemailbericht: 'Hey there...give me a call'. Denk niet dat er een huwelijk in zit...
La Dolce Vita
La Dolce Vita
dinsdag 26 januari 2010
15 minutes
Hallo daar. Ik ben nieuw in de digitale wereld. Is er iemand die mij welkom heet? Met een bosje bloemen klaar staat, zodat ik me alvast een beetje thuis voel? Of me in elk geval vertelt wat ik moet doen? Oh, ik moet een plekje vinden tussen miljoenen mensen die interessante, iets minder interessante en ronduit saaie dingen te vertellen hebben.
Waarom wil iedereen tegenwoordig eigenlijk hun hele hebben en houden op internet plaatsen? Blogs, Twitter, social networks, Youtube... Willen we allemaal 'our 15 minutes of fame' ?
Andy W. voorzag dit al in 1968.
Anyway...
ik doe er lekker aan mee!
Waarom wil iedereen tegenwoordig eigenlijk hun hele hebben en houden op internet plaatsen? Blogs, Twitter, social networks, Youtube... Willen we allemaal 'our 15 minutes of fame' ?
Andy W. voorzag dit al in 1968.
Anyway...
ik doe er lekker aan mee!
Abonneren op:
Posts (Atom)